"woonwensen matchen niet met eigen financiën"

Rein Wispelweij 2014

Drie van de tien Nederlanders hebben onvoldoende financiële ruimte voor het onderhoud van hun huis. Toch vindt ruim de helft een eigen huis een goede investering voor de toekomst. Dit blijkt uit een grootschalig Woononderzoek dat GfK uitvoerde in opdracht van BLG Wonen. "Veel mensen slagen er niet in hun woonwensen te matchen met hun eigen financiën", zegt directeur Rein Wispelweij.

Het onderzoek werd uitgevoerd onder ruim tweeduizend Nederlanders in het kader van het 60-jarig bestaan van BLG Wonen. Bij de oprichting in 1954 werd al gesproken over de waarden van een eigen huis. Huizenbezit moest gaan leiden tot de verduurzaming van woningen, economische weerbaarheid en spaarzaamheid. "Zestig jaar later zijn deze waarden nog steeds actueel", constateert Wispelweij: “Consumenten zouden moeten kijken hoe zij hun woning duurzamer kunnen maken en kunnen investeren in onderhoud. Dat maakt dat consumenten ook in de toekomst met plezier kunnen wonen.”

Bij een financiële meevaller zou 19 procent van de ondervraagden dit besteden aan een nieuwe badkamer. Ook het opnieuw inrichten van de woning of een nieuwe keuken zijn populair. Op dit moment heeft 30 procent van de Nederlanders echter niet voldoende financiële ruimte voor het verbeteren van zijn huidige woning. Als het gaat om het wel of niet inbrengen van spaargeld voor woningverbetering zijn de meningen verdeeld.

 

Taak voor adviseur

Wonen betekent voor mensen veel meer dan alleen een dak boven het hoofd. Zo denkt 48 procent van de ondervraagden bij wonen aan het begrip gezin/familie, 40 procent aan veiligheid en 37 procent aan gezelligheid. Ruim vier op de vijf consumenten zijn (zeer) tevreden over de eigen woonsituatie. Consumenten waarderen aan de eigen woning vooral een goede ligging, voldoende voorzieningen in de buurt, goed woonoppervlak en aantrekkelijke woonkosten.

Driekwart van de Nederlanders vindt dat een eigen woning wel om toewijding en zorg vraagt. “Consumenten zien dat een huis om toewijding vraagt, maar weten nog niet altijd hun woonwensen met hun eigen financiën te matchen", constateert Wispelweij. "Daar is een taak voor adviseurs weggelegd. Financieel woonadvies moet verder gaan dan alleen de hypotheek. Maar ook gaan over bijvoorbeeld het verbeteren of onderhouden van een huis.”