Leren van Kifid-uitspraken Hypotheken, VVP 3-2024

(Leren van Kifid-uitspraken, Ken je vak!, VVP 3-2024)
De samenvatting Hypotheken wordt u aangeboden door de NVHP.
Klant moet stukken wel lezen
HYPOTHEKEN - Consument wenst haar bestaande woning te verkopen en een andere woning te kopen. In overleg met de adviseur wordt een overbruggingskrediet afgesloten. Afgesloten wordt een overbruggingslening met een looptijd van twee jaar en een variabele rente van 1,9 procent. Na totstandkoming stijgt deze rente in korte tijd van 1,9 naar 5,9 procent. Tot overmaat van ramp duurt de verkoop van de eerste woning erg lang. De consument neemt de adviseur kwalijk dat hij geen overbruggingslening met een vaste rente heeft geadviseerd. De adviseur verweert zich tegen dit verwijt door erop te wijzen dat er op dat moment slechts een aanbieder was die een overbruggingslening tegen vaste rente aanbood en consument had aangegeven geen zaken te willen doen met juist deze aanbieder. De Geschillencommissie wijst de klacht af met onder meer de volgende motivering: “Waarom zij geen vragen heeft gesteld over de overbruggingslening is de commissie niet duidelijk. In ieder geval ontslaat het in de arm nemen van een adviseur de consument niet van haar eigen verplichting om de (pre-)contractuele informatie die zij van de geldverstrekker heeft ontvangen door te nemen. Dat zij dit niet heeft gedaan, is een omstandigheid die voor haar eigen rekening en risico komt.” – Uitspraak GC 2024-0344
Rentepercentage niet onvoorwaardelijk toezeggen
HYPOTHEKEN - De adviseur heeft tijdens het adviesproces aan de klant laten weten dat de “rente 4,38 procent zou worden”. De aanbieder wijzigt na deze mededeling van de adviseur aan de klant de rente voor de risicocategorie waar consument in valt. Hierdoor krijgt de consument te maken met een (iets) hogere rente dan waarop zij gerekend had. Zij houdt de adviseur aan zijn uitspraak.
De Geschillencommissie stelt de consument ten aanzien van dit onderdeel van de klacht in het gelijk en motiveert dit als volgt: “De commissie begrijpt dat adviseur inmiddels kennelijk ook heeft ingezien dat zij een toezegging heeft gedaan die zij achteraf bezien niet gestand heeft kunnen doen. De commissie heeft er begrip voor dat adviseur dat heeft gedaan omdat zij niet verwachtte dat aanbieder de rente in risicocategorie ‘85-90 procent LTV’ zou verhogen, maar is tegelijkertijd van oordeel dat adviseur niet zulke harde toezeggingen had mogen doen zonder daarbij een voorbehoud te maken. Dat zij dat wel heeft gedaan is naar het oordeel van de commissie niet wat men van een redelijk handelend en redelijk bekwaam beroepsgenoot mag verwachten.”- Uitspraak GC 2024-0282
Niets op papier, toch overeenkomst
HYPOTHEKEN - Adviseur start voor consument een advies- en bemiddelingstraject. Pas nadat een renteaanbod is verkregen, raakt de adviseur bekend met het feit dat de consument een UWV-uitkering geniet en in een echtscheidingsprocedure zit. De adviseur beëindigt hierop zijn werkzaamheden. De consument is het hiermee niet eens. De adviseur verweert zich door erop te wijzen dat er tussen hem en de consument geen opdracht tot dienstverlening is afgesloten.
Dit verweer wordt door de Geschillencommissie verworpen met onder meer de volgende motivatie: “De commissie overweegt dat voor de totstandkoming van een overeenkomst een schriftelijke vastlegging van de afspraken, al dan niet in de vorm van een opdracht tot dienstverlening, niet is vereist. Vaststaat dat partijen regelmatig contact met elkaar hebben gehad over de hypotheekaanvraag en dat de consument meerdere documenten heeft aangeleverd. Hieruit blijkt afdoende dat de adviseur zich jegens de consument heeft verbonden om te bemiddelen bij de totstandkoming van een hypothecaire geldlening en daarmee is een overeenkomst tussen partijen tot stand gekomen, welke kwalificeert als een overeenkomst van opdracht als bedoeld in artikel 7:400 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Het enkele feit dat de consument geen opdracht tot dienstverlening heeft getekend, staat aan de totstandkoming van deze overeenkomst niet in de weg en is daarom geen reden om zich aan gemaakte afspraken en/of gedane toezeggingen te mogen onttrekken. Ook betekent het ontbreken van een getekende opdracht tot dienstverlening niet dat de adviseur niet gehouden zou zijn om zich te houden aan verplichtingen die uit de wet voortvloeien in het geval van een overeenkomst van opdracht, zoals de zorgplicht van een opdrachtnemer.”- Uitspraak GC 2024-0268
Leren van Kifid-uitspraken
De uitspraken van Kifid bevatten regelmatig leermomenten voor financieel adviseurs en verzekeraars. In elk nummer vat VVP een aantal relevante uitspraken samen
Reactie toevoegen
Verzekeraar hoefde niet te wijzen op gevolgen voor huurtoeslag
(Kifid-uitspraak GC 2026-0403) De consument verwijt de uitvaartverzekeraar dat hij haar er niet op heeft gewezen dat de verandering van het fiscale regime mogelijk...
Wegvallen ondersteuning audiostreamer geen materiële schade
(Kifid-uitspraak GC 2026-0342) De consument bezit een audiostreamer waarvan de fabrikant failliet is verklaard. Sindsdien is de software‑ en systeemondersteuning...
Allrisk wil niet zeggen dat elke schade gedekt is
(Kifid-uitspraak GC 2026-0384) De consument heeft een autoverzekering bij de gevolmachtigde afgesloten. De consument heeft schade aan zijn autoruit gemeld tijdens...
Extra kosten na koperdiefstal niet gedekt
(Kifid-uitspraak GC 2026-0386) De consument zou op 25 juni 2025 met de trein van Parijs naar Londen reizen. De treinmaatschappij heeft de reis geannuleerd...
NVHP en Vastgoed Nederland starten gezamenlijk project Funderingsrisico
De Nederlandse Vereniging van Hypothecair Planners (NVHP) en branchevereniging Vastgoed Nederland hebben besloten een gezamenlijke projectgroep funderingsrisico...
"Op steeds meer financieel advieskantoren worden AI-toepassingen gebruikt. In gesprekken over AI gaat het al snel om de vraag: wie weet het beter, AI of de mens?...
Kifid roept op tot meer zorgvuldigheid bij hypotheekadviseurs
Kifid heeft in 2025 3.191 klachten behandeld (2024: 3.353). Ook het aantal uitspraken nam af, van 1.134 naar 1.099. Wel nam het aantal klachten toe tot 7.832. Dat...
Maarten van den Eijnden nieuw bestuurslid NVHP
Maarten van den Eijnden is tijdens de algemene ledenvergadering benoemd tot bestuurslid van de NVHP. Hij bekleedt binnen het bestuur de functie van voorzitter van...
Mark de Bruijn (NVHP): bespreek meer scenario's met je klant
“In tijden van zekerheid heeft iedereen het goed. Dan zijn er genoeg mensen die de consument helpen. Dan is advies makkelijk te vinden. Maar in tijden van...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0327) In deze klacht staat de vraag centraal of de adviseur een zorgplicht heeft geschonden door er niet voor te zorgen dat er een overlijdensdekking...






