VVP 1-2026: leren van Kifid-uitspraken schade

Kifid NIEUW 1

(Uit VVP 1-2026) De uitspraken van Kifid bevatten regelmatig leermomenten voor financieel adviseurs en verzekeraars. In elk nummer vat VVP een aantal relevante uitspraken samen.

 

Niet adviseur maar verzekeraar beslist of dekking geldt

ZORGPLICHT - De Geschillencommissie oordeelt dat de consument ervan mocht uitgaan dat haar claim door de adviseur bij de verzekeraar zou worden ingediend. De adviseur heeft niet gehandeld als redelijk handelend en redelijk bekwaam tussenpersoon door zelf de claim af te wijzen. Deze klacht is gegrond.

De consument heeft een inboedelverzekering. Op 2 oktober 2024 is de tas van de consument uit de auto van een collega gestolen. Ze heeft diezelfde dag hiervan telefonisch melding gemaakt bij haar adviseur.

De commissie stelt vast dat “de tussenpersoon de consument op 2 oktober 2024 heeft geschreven dat zij de aangifte nog aan de tussenpersoon moet sturen en dat dan “alles netjes wordt ingediend bij de maatschappij”. De tussenpersoon heeft de consument niet bericht dat zij nog een schadeformulier moest invullen. De verklaringen van partijen over wat tijdens het telefoongesprek in november is besproken lopen uiteen. Volgens de consument zou de tussenpersoon hebben gezegd dat hij meteen contact zou opnemen met de verzekeraar. Omdat geen bewijs aanwezig is van wat tijdens het telefoongesprek is besproken, zal de commissie dit gesprek buiten beschouwing laten. De tussenpersoon heeft ten slotte niet gesteld en het is ook niet uit de bewijsstukken gebleken dat hij de consument heeft laten weten dat hij het dossier zou sluiten. De commissie komt dan ook tot het oordeel dat de consument op grond van de e-mail van 2 oktober 2024 ervan mocht uitgaan dat haar claim bij de verzekeraar zou worden ingediend. Dat de tussenpersoon dit niet heeft gedaan, vormt een schending van de op hem rustende verplichtingen.

“De tussenpersoon heeft aangevoerd dat het na de rappellen van de consument weliswaar enige tijd heeft geduurd, maar dat hij inhoudelijk heeft gereageerd. De commissie stelt vast dat de tussenpersoon dit heeft gedaan door zelf de claim van de consument af te wijzen. Daarmee staat vast dat de tussenpersoon de claim niet bij de verzekeraar heeft ingediend. De tussenpersoon heeft in dit verband aangevoerd dat het tot zijn taak en verantwoordelijkheid behoort om schademeldingen inhoudelijk te beoordelen en uitsluitend complete en relevante dossiers bij de verzekeraar in te dienen. Naar het oordeel van de commissie miskent de tussenpersoon daarmee dat hij in opdracht van de consument handelde en dat deze opdracht inhield dat hij haar claim bij de verzekeraar zou indienen. Het is weliswaar aan te bevelen dat de tussenpersoon een zo compleet mogelijk dossier bij de verzekeraar indient, maar het is niet gebleken dat de tussenpersoon op enige wijze aan de consument heeft laten weten dat zij nog aanvullende informatie moest aanleveren voor de tussenpersoon de claim zou indienen. Verder beslist niet de tussenpersoon, maar de verzekeraar zelf of hij dekking wil verlenen.” – Uitspraak GC 2026-0097

 

Met de stok geslagen

AVP - Tijdens een burenruzie heeft de consument met zijn wandelstok tegen de auto van de buurman geslagen toen deze met zijn auto in de richting van de consument reed. Hierdoor is schade aan de auto ontstaan. De tegenpartij heeft de consument aansprakelijk gesteld. De verzekeraar heeft dekking voor aansprakelijkheid afgewezen omdat er sprake is van opzet van de consument.

De Geschillencommissie oordeelt gelet om de omstandigheden in dit geval dat de verzekeraar voldoende heeft bewezen dat de schade aan de auto als een te verwachten of normaal gevolg is van de gedraging van de consument. Dit betekent dat de verzekeraar een beroep toekomt op opzet en hij dekking voor de schadeclaim van de consument heeft mogen weigeren.

De commissie: “Uit de beelden blijkt dat de buurman met geringe snelheid achteruitrijdt en ook een paar keer stopt. Dit brengt mee dat de consument genoeg tijd heeft gehad om een stap opzij te doen. De consument heeft er echter voor gekozen bij de auto te blijven staan. Ook heeft de consument naar het oordeel van de commissie de aanmerkelijke kans dat er schade door zijn handelen zou ontstaan voor lief genomen door met zijn wandelstok op de linkerzijkant van de auto te slaan. Tot slot merkt de commissie nog op dat, indien de consument daadwerkelijk uit noodweer zou hebben gehandeld en geen kans zou hebben gehad om achter de auto voorbij te stappen, de schade logischerwijs aan de achterzijde van de auto zou zijn toegebracht. Dat de schade aan de linkerzijde van de auto is toegebracht, laat zien dat de consument ervoor had kunnen kiezen bij de auto weg te lopen. – Uitspraak GC2026-0087

 

Onvoorzien maar niet plotseling

WOONVERZEKERING - Ook al is sprake van een onvoorziene gebeurtenis, de verzekeraar hoeft toch niet uit te keren omdat de waterschade niet plotseling is ontstaan.

Op 3 april 2023 heeft de consument een watervillaverzekering afgesloten bij de verzekeraar. Op 17 januari 2025 heeft de consument vochtschade in de slaapkamer geconstateerd en deze gemeld bij de verzekeraar.

De commissie “merkt op dat er drie experts nodig zijn geweest om de oorzaak van de schade vast te stellen. Gelet daarop had de consument naar het oordeel van de commissie het ontstaan van de schade zelf niet kunnen voorzien of kunnen voorkomen. Volgens de commissie is daarom voldaan aan het vereiste van een onvoorziene gebeurtenis.

“Voor de aanwezigheid van een verzekerde gebeurtenis in de zin van de voorwaarden is naast het vereiste van een onvoorziene gebeurtenis, ook vereist dat de schade plotseling moet zijn ontstaan. De commissie stelt vast dat de verzekeraar de term plotseling niet heeft gedefinieerd in de voorwaarden. Op basis onze eerdere uitspraken in vergelijkbare gevallen, waarin de uitleg van de term plotseling is vastgesteld, oordeelt de commissie dat in dit geval geen sprake is van plotseling ontstane schade. Uit de bevindingen van de experts blijkt de vochtschade pas te zijn ontstaan nadat agressief (zuur) condenswater op de binnenzijde van de rookgasafvoer van de cv-installatie had ingewerkt en toen pas van de rookgasafvoer is gaan lekken, waarna het condenswater tijdens het stoken het pand in stroomde. Dat de lekkage al een tijd speelde, is daarnaast aanvullend bevestigd door de expert door te wijzen op de omvang van de schade aan de vloer in de kast van de cv-installatie die niet ineens kan zijn ontstaan.”- Uitspraak GC 2026-0066

 

WAM!

WAARBORGFONDS - De consument stelt dat zijn auto in stilstand is aangereden door een onbekend ander motorvoertuig en vordert vergoeding van zijn schade door het Waarborgfonds. Het Waarborgfonds heeft de claim afgewezen, omdat er onvoldoende bewijs is voor de stelling van de consument. De Geschillencommissie oordeelt dat niet is komen vast te staan dat de schade aan de auto van de consument is veroorzaakt door een onbekend motorrijtuig toen deze geparkeerd stond en aan artikel 25 lid 1 sub a WAM is voldaan. Het Waarborgfonds hoeft de schade daarom niet te vergoeden.

De commissie “deelt het standpunt met het Waarborgfonds dat de door de consument aangevoerde feiten en omstandigheden op zichzelf geen bewijs opleveren. Verder is op de door de consument overgelegde foto’s alleen te zien dat zijn auto linksvoor schade heeft in de vorm van een deuk en witte lak. Deze schade betekent niet per definitie dat dit dan is gebeurd door een ander voertuig en de auto stilstond. Ook het gegeven dat de consument geen schadeverleden heeft en veilig zou rijden volgens de ANWB Veilig Rijden-app vormen geen bewijs voor zijn stelling”.

Uit artikel 25 lid 1 sub a WAM volgt dat een benadeelde recht op schadevergoeding tegen het Waarborgfonds geldend kan maken als 1) aansprakelijkheid voor de door een motorrijtuig veroorzaakte schade vaststaat en 2) niet kan worden vastgesteld wie de aansprakelijke persoon is. Hierbij moet de burgerrechtelijke aansprakelijkheid van de schadeveroorzaker worden aangetoond.

Op grond van artikel 150 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering geldt als uitgangspunt dat de partij die zich beroept op de rechtsgevolgen van de door hem gestelde feiten zijn stelling moet bewijzen indien deze door de wederpartij gemotiveerd betwist wordt. – Uitspraak GC 2026-0063

Reactie toevoegen

 
Verzekeraar hoefde niet te wijzen op gevolgen voor huurtoeslag

Verzekeraar hoefde niet te wijzen op gevolgen voor huurtoeslag

(Kifid-uitspraak GC 2026-0403) De consument verwijt de uitvaartverzekeraar dat hij haar er niet op heeft gewezen dat de verandering van het fiscale regime mogelijk...

Wegvallen ondersteuning audiostreamer geen materiële schade

Wegvallen ondersteuning audiostreamer geen materiële schade

(Kifid-uitspraak GC 2026-0342) De consument bezit een audiostreamer waarvan de fabrikant failliet is verklaard. Sindsdien is de software‑ en systeemondersteuning...

Allrisk wil niet zeggen dat elke schade gedekt is

Allrisk wil niet zeggen dat elke schade gedekt is

(Kifid-uitspraak GC 2026-0384) De consument heeft een autoverzekering bij de gevolmachtigde afgesloten. De consument heeft schade aan zijn autoruit gemeld tijdens...

Extra kosten na koperdiefstal niet gedekt

Extra kosten na koperdiefstal niet gedekt

(Kifid-uitspraak GC 2026-0386) De consument zou op 25 juni 2025 met de trein van Parijs naar Londen reizen. De trein­maatschappij heeft de reis geannuleerd...

Zorgplicht bij meeneemhypotheek

Zorgplicht bij meeneemhypotheek

(Christel van Bommel-Versluijs, BrandMR, in Ken je vak! VVP 1-2026) De huidige hypotheek meenemen lijkt een goede en logische keuze als een klant gaat verhuizen....

Beter een half ei dan een lege dop

Beter een half ei dan een lege dop

(Annemieke Postema, AOVdokter en RADI AOV, in Ken je vak! VVP 1-2026) Hoe het ook verder gaat met de BAZ, het is raadzaam voor ondernemers ‘met een vlekje’...

Kifid roept op tot meer zorgvuldigheid bij hypotheekadviseurs

Kifid roept op tot meer zorgvuldigheid bij hypotheekadviseurs

Kifid heeft in 2025 3.191 klachten behandeld (2024: 3.353). Ook het aantal uitspraken nam af, van 1.134 naar 1.099. Wel nam het aantal klachten toe tot 7.832. Dat...

Hoe zit dat nu met duurzaam schadeherstel?

Hoe zit dat nu met duurzaam schadeherstel?

(Paul Burger, AnsvarIdéa/Turien & Co., in Ken je vak! VVP 1-2026) Uiteraard is geen enkele vorm van schadeherstel helemaal duurzaam en gaat schadeherstel...

Tijd om de focus te verleggen

Tijd om de focus te verleggen

(Jos Besselink, WijZijnLoek, in Ken je vak! VVP 1-2026) Sinds kort geef ik AOV-opleidingen. Ik vind dat waardevol werk, omdat het AOV-vak veel belangrijker is...

Zorgplicht niet geschonden

Zorgplicht niet geschonden

(Kifid-uitspraak GC 2026-0327) In deze klacht staat de vraag centraal of de adviseur een zorgplicht heeft geschonden door er niet voor te zorgen dat er een overlijdensdekking...