Ken je vak! VVP 2-2025: leren van Kifid-uitspraken

(Uit Ken je vak! VVP 2-2025) De uitspraken van Kifid bevatten regelmatig leermomenten voor financieel adviseurs en verzekeraars. In elk nummer vat VVP een aantal relevante uitspraken samen. De samenvatting Hypotheken wordt u aangeboden door de NVHP.
Oordeel over hoogte kosten adviseur?
De consument wenst een verhoging van zijn bestaande hypothecaire geldlening van 43.000 euro. De consument is al 40 jaar klant bij de bank en vindt de kosten die de bank voor deze verhoging rekent, zijnde 2.300 euro, buitensporig.
De Geschillencommissie verklaart de klacht van de consument onder meer met de volgende motivering ongegrond: “Voor zover de consument heeft gesteld dat de (overeengekomen) kosten onredelijk hoog zijn, merkt de commissie op dat het in beginsel niet aan haar is om (achteraf) te bepalen wat redelijke kosten zijn voor bepaalde (overeengekomen) diensten. Wat is overeengekomen kan slechts buiten toepassing worden verklaard als het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Vanwege de aard van deze wettelijke bepaling, kan de commissie bovendien slechts met terughoudendheid beoordelen of het met de bank overeengekomen tarief voor haar dienstverlening naar maatstaven van redelijkheid onaanvaardbaar is. Naar het oordeel van de commissie heeft de bank daarvoor geen buitensporige (onaanvaardbare) kosten in rekening gebracht en de consument heeft, vooraf, alle vrijheid gehad om niet met deze bank in zee te gaan en om en een andere aanbieder van leningen te benaderen.” - Uitspraak GC 2025-0224
RVP: moet bank consument herinneren?
De consument ontvangt tijdig bericht van de bank dat de rentevaste periode afloopt. De consument vult het van de bank ontvangen keuzeformulier in met de wens om de rente voor tien jaar vast te zetten. De consument vergeet het formulier terug te sturen waarna de bank de rente met een RVP van een jaar doorvoert.
De consument neemt het de bank kwalijk dat deze de consument geen herinnering heeft gezonden dat de consument terzake de RVP een keuze kan maken. De Geschillencommissie verklaart deze klacht ongegrond met onder meer de volgende motivering: “De commissie stelt voorop dat er geen wettelijke of contractuele verplichting is voor de bank om de door de consumenten genoemde herinnering te sturen. Van klanten van de bank mag namelijk verwacht worden dat zij in staat zijn om een formulier correct en tijdig op de post te doen. Natuurlijk kan bij de postbezorging iets misgaan, maar ook dat komt op grond van artikel 3:37 lid 3 BW in beginsel voor rekening en risico van de verzender. Het is niet de taak van de bank om maatregelen te nemen die nadelige consequenties van fouten in de postbezorging minimaliseren. Dit alles maakt dat het niet onder de zorgplicht van de bank valt om een herinnering te sturen aan klanten van wie de bank nog geen rentekeuze ontvangen heeft. Kortom: anders dan de consument betoogt, brengt de zorgplicht niet met zich dat de bank de consumenten een herinnering had moeten sturen om hen erop te wijzen dat de bank nog geen rentekeuze van hen had ontvangen.” - Uitspraak GC 2024-1040
Aankoopbemiddelaar vermengd met hypotheekadviseur
Eerder heeft de Geschillencommissie al uitgesproken dat aankoopbemiddeling geen financiële dienst is en dat zij op grond daarvan niet bevoegd is tot behandeling van klachten van de consument over de aankoopbemiddelaar.
In deze klacht is sprake van een nieuwe situatie.
De commissie constateert op grond van de informatie in het dossier en op grond van wat de consumenten tijdens de mondelinge behandeling hebben aangevoerd dat “de klacht over het optreden van de adviseur als hypotheekadviseur zo verweven is met de niet behandelbare klacht over de adviseur als aankoopbemiddelaar dat een scheiding tussen beide niet goed te maken valt. Als die scheiding al te maken is, zou dit de taak van de Geschillencommissie ernstig in het gedrang brengen. Het onderzoek om te bepalen ‘welk optreden van de adviseur hoort bij welke rol’ alleen om af te bakenen welke klacht de commissie wel kan behandelen en welke niet, waarbij denkbaar is dat getuigen moeten worden gehoord, zou zo tijdrovend en/of ingewikkeld zijn dat de klacht zich niet leent voor een behandeling door de Geschillencommissie. De commissie is daarom van oordeel dat dit klachtonderdeel niet-behandelbaar is op grond van vraag 3 onder 9 van het Reglement.” - Uitspraak GC 2025-0321
Reactie toevoegen
Kifid: eis schadevergoeding noodzakelijk bij klacht
(Kifid-uitspraak GC 2026-0097, bindend) Een consument stelt dat adviseur A. van de Hoef Verzekeringen uit Scherpenzeel ten onrechte haar schadeclaim niet bij...
Tevredenheid financiële dienstverleners over Kifid opnieuw gegroeid
De tevredenheid van financiële dienstverleners over het financiële klachteninstituut Kifid is ook vorig jaar weer iets gegroeid. In 2025 waarderen zij...
NVHP: ontsluit data aflossingsvrije hypotheken
De NVHP vraagt geldverstrekkers dringend om op korte termijn de met hen samenwerkende financieel adviseurs te voorzien van portefeuille informatie met betrekking...
Klager had rugtas relatief eenvoudig kunnen meenemen
(Kifid-uitspraak GC 2026-0078) De consument doet een beroep op de verzekering voor schade door diefstal van een rugzak met inhoud uit een MPV. De verzekeraar...
Consument claimt vergeefs ruim een ton na piekspanning
(Kifid-uitspraak GC 2026-0053) De consument vordert onder zijn woonhuisverzekering bij de verzekeraar de schade die is ontstaan door een piekspanning als gevolg...
Consument moet bewijzen dat sprake is van verzekerde gebeurtenis
(Kifid-uitspraak GC 2026-0050) De consument vordert dekking onder zijn verzekering en vergoeding van zijn schade, omdat zijn schade mogelijk is ontstaan door natuurgeweld...
Bank bezondigde zich volgens CvB Kifid wel degelijk aan overkreditering
(Kifid-uitspraak CvB 2026-0008) De bank heeft bij de verstrekking van de hypothecaire lening ten onrechte geen toepassing gegeven aan de leningsnormen uit de...
Verlies elektrische sokken niet aangetoond
(Kifid-uitspraak GC 2026-0048) De consument heeft een tijdelijke reisverzekering afgesloten bij de gevolmachtigde. Hij klaagt erover dat de gevolmachtigde niet...
Klager wil 100.000 euro voor beschadigd deurkozijn
(Kifid-uitspraak GC 2026-0030) De consument had een koelkast besteld bij een webwinkel. Bij de aflevering van de nieuwe koelkast zou de oude koelkast worden meegenomen....
Hoefbevangenheid te lang genegeerd
(Kifid-uitspraak GC 2026-0027) Het paard van de consumenten heeft last van kreupelheid. De consumenten vorderen dekking onder hun paardenverzekering voor ongeschiktheid...






