Starten met een schone lei

(Uit VVP-special Verzekerd Wonen 2025) De mogelijkheid om een levensverzekering af te sluiten na kanker is met de schonelei-regeling uit 2021 verbeterd. De regeling biedt niet altijd soelaas, maar wel steeds vaker doordat ze steeds verder wordt verfijnd.
Uit de Doneer Je Ervaring-peiling van de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) onder (ex-)kankerpatiënten bleek dat zes op de tien respondenten geen overlijdensrisicoverzekering kon afsluiten. NFK riep daarom de politiek op tot een wetswijziging waarmee ex-kankerpatiënten aanspraak kunnen maken op het ‘recht om vergeten te worden’ voor de start met een schone lei. Toenmalig minister Hoekstra van Financiën, NFK en verzekeraars zijn daarna in overleg gegaan om dit vorm te geven. Het zogeheten schonelei-beleid is sinds 1 januari 2021 van kracht.
Mensen die tien jaar of langer geleden genezen zijn van kanker, hoeven dat niet meer te melden bij de aanvraag van een ORV of uitvaartverzekering tot de vragengrens. Voor bepaalde kankersoorten is sprake van een kortere termijn.
Voortschrijdend inzicht maakt dat de termijnen soms verder kunnen worden teruggebracht. Zo geldt sinds 1 januari 2025 voor melanoom bij stadium 1A een termijn van vijf jaar. Voor stadium 1B werd de termijn toen zes jaar. De termijn was voor beide zeven jaar. Voor baarmoederhalskanker ging de termijn van vijf naar drie jaar voor FIGO-stadium 1A2. Een termijn van zes jaar geldt nu voor FIGO-stadium 1B (was zeven jaar). Voor schildklierkanker is de termijn gaan gelden bij diagnose tot 55 in plaats van 45 jaar.
Ook zijn er vijf kankersoorten toegevoegd aan de lijst, waaronder borstkanker stadium 1.
Belangrijk verschil
Afgelopen zomer werd weer eens duidelijk dat artsen en medisch adviseurs verschillend tegen het risico aankijken. Volgens een in augustus verschenen studie van het Nederlands Kanker Instituut samen met het Erasmus MC is de termijn “in veel gevallen onnodig lang. Als je naar jongvolwassenen kijkt, zie je dat zij na vier jaar al dezelfde overlevingskans hebben als jongvolwassenen die geen kanker hebben gehad. Die termijn van tien jaar kan dus omlaag”.
Op een speciale informatiepagina die het Verbond heeft geopend (‘Uitleg premieberekening overlijdensrisicoverzekering’), maken verzekeraars duidelijk dat het verzekeringstechnisch anders kan liggen. Het Verbond: “Er is een belangrijk verschil tussen hoe een behandelend arts (zoals een medisch specialist) en een medisch adviseur van een verzekeraar (een beoordelend arts) naar overlevingskansen kijkt. Een behandelend arts kijkt specifiek naar de ziekte en de behandelmogelijkheden, en vergelijkt dit met andere patiënten met dezelfde ziekte. Dan is een overlevingskans van 95 procent over tien jaar, heel positief. De medisch adviseur vergelijkt het risico van de kandidaat-verzekerde met dat van de bevolking of de verzekerde populatie (nietpatiënten). Dan is een overlijdenskans van vijf procent over tien jaar, best fors.
“Dat betekent dat een behandelend arts een risico als ‘normaal’ of ‘acceptabel’ kan zien, maar dat een medisch adviseur datzelfde risico anders kan beoordelen. Een kleine verhoging in risico leidt namelijk tot een veel grotere relatieve overlijdenskans. Daarom kan de premie voor een ORV dus toch hoger zijn, terwijl de behandelend arts zegt dat iemand is genezen, of dat iemand met een aandoening misschien wel 100 jaar kan worden.”
‘Het kan helpen het bij verschillende verzekeraars te proberen’
Voorbeeld
Een voorbeeld dat wordt gegeven op de informatiepagina betreft een 38-jarige vrouw: “Het Integraal Kankercentrum Nederland heeft data gepubliceerd over de overlevingskansen bij borstkanker. De relatieve overlevingskans van patiënten met stadium I borstkanker was na tien jaar 95 procent. De overlijdenskans gedurende tien jaar is dus vijf procent. Als we dat vergelijken met de overlijdenskansen van mensen zonder de diagnose borstkanker, zien we een groot verschil. De 38-jarige vrouw uit het voorbeeld heeft een overlijdenskans van 0,05 procent per jaar, dus van 0,5 procent per tien jaar. Met borstkanker is er dus een tien keer hogere overlijdenskans. Een verzekeraar moet daarom een tien keer hogere premie vragen. Dit principe geldt voor veel ziekten, steeds in andere mate.
“Om een goede premieberekening te kunnen maken, stelt een medisch adviseur vast hoeveel hoger de overlijdenskans is vergeleken met de vergelijkingsgroep. Hij gebruikt hiervoor de ingevulde gezondheidsverklaring, statistieken en wetenschappelijke artikelen. De verzekeraar kijkt dus naar de relatieve overlijdenskans van de kandidaat verzekerde. Hij kijkt hoe hoog de overlijdenskans is van mensen zoals de kandidaat verzekerde, in verhouding tot de overlijdenskans van de groep kandidaat-verzekerden die de ziekte niet hebben of hadden.”
Tip
Het Verbond van Verzekeraars benadrukt dat ook als men niet onder de schonelei-regeling valt, “natuurlijk een verzekering kan aanvragen. De medisch adviseur van de verzekeraar beoordeelt de verzekeringsaanvraag. Vaak lukt het om een verzekering af te sluiten. Wel soms tegen een hogere premie of aangepaste voorwaarden.
“In de praktijk zien we dat veruit de meeste aanvragen voor ORV’s zonder opslag worden geaccepteerd. Dat komt omdat lang niet alle aandoeningen een verhoogde overlijdenskans geven. Een klein deel, zo’n tien procent, krijgt te maken met een opslag, veelal van licht verhoogd tot een verdubbeling van de premie. En omdat de basispremie momenteel vrij laag is (vanaf vijf tot tien euro per maand), hoeft zo’n verhoging niet te betekenen dat men veel meer euro’s betaalt.
“Het kan ook helpen het bij verschillende verzekeraars te proberen. De data waarmee een medisch adviseur de kans op overlijden inschat, kan namelijk per verzekeraar verschillen. Ook zijn ook niet alle verzekeringen precies hetzelfde opgebouwd. Daardoor kunnen er verschillen in premie zijn”.
Reactie toevoegen
Meer over
Dazure: "Meer awareness over orv noodzakelijk"
“Ik ben dankbaar dat de redactie van Kassa onze podcastserie Sterveding wist te vinden en dat ze een item wilde maken over het aantal teruglopende overlijdensrisicoverzekeringen",...
Noodklok Verbond over onbekendheid met orv
Vijftien procent van huurders geeft aan een ORV te hebben, tegen 38 procent van de woningeigenaren. Ook onder zzp’ers is het aandeel mensen met een ORV-voorziening...

Rokers willen liever sparen en beleggen dan blijven roken
Meer dan driekwart van de rokers geeft aan dat de hoge kosten van roken een belangrijke motivatie zijn om te stoppen met roken en dat ze dit geld liever gebruiken...
(Kifid-uitspraak GC 2024-0861) Een in België wonende man geeft zijn voormalig adres in Nederland op om het elektronische aanvraagproces te kunnen doorlopen....
Economische ontwikkelingen drukken nieuwe productie De Hoop
Door de economische ontwikkelingen mocht De Hoop in 2023 minder nieuwe aanvragen en polissen noteren dan in 2022. Het deze week verschenen jaarverslag maakt gewag...

Scildon beloont stoppen met roken direct met niet-rokerstarief bij ORV
Scildon hanteert bij de Lifestyle ORV voortaan meteen het niet-rokerstarief bij rokers die beloven binnen negen maanden te stoppen. Na negen maanden vraagt Scildon...
Dazure "Een orv is geen grapje"
"Met de cynische ondertoon die wij zeker op 1 april gepast vinden", heeft Dazure gewezen op het belang van de steeds minder gesloten overlijdensrisicoverzekering....
(Kifid-uitspraak GC 2024-0062) Consument is het niet eens met het feit dat zijn ex-echtgenote een overlijdensrisicoverzekering op zijn leven heeft gesloten. Hij...
Een ORV, daar red je levens mee!
(Partner in kennis Dazure in katern Veilig Wonen in VVP 6-2023) Veilig wonen, dat is in het huidige tijdperk iets wat helaas steeds minder mensen kunnen beamen....

Bescherming van inkomen verdient aandacht adviseur
(Uit katern Veilig Wonen in VVP 6-2023) Blijf weg uit je persoonlijke aannames: dat de klant het niet wil of te duur vindt. Maak inkomensbescherming een belangrijk...







