Waarom de transitie uitdaagt

(Partner in kennis INSVER in VVP-special Duurzaam Adviseren 2026) Verzekeraars spelen een onmisbare rol in de transitie naar een duurzamer Nederland. Dat brengt een fundamentele verschuiving teweeg in het risicoprofiel van zakelijke ondernemingen. Nieuwe technieken, materialen en businessmodellen volgen elkaar in hoog tempo op. Tegelijkertijd verwachten ondernemers, financiers en overheden dat risico’s rondom verduurzaming beheersbaar én verzekerbaar zijn. In de praktijk blijkt dat laatste vaak lastiger dan gedacht. Niet omdat verzekeraars per definitie geen appetite hebben, maar omdat relatief nieuwe duurzaamheidsrisico’s moeilijker te doorgronden, te modelleren en te accepteren zijn.
Verzekeren is in essentie het voorspellen van onzekerheid. Actuariële modellen zijn gebaseerd op historische schadedata, trends en statistische betrouwbaarheid. Bij veel verduurza mingsinitiatieven ontbreekt die historie grotendeels. Denk aan grootschalige batterijopslag op bedrijventerreinen of innovatieve bouwmethoden met biobased materialen. Zonder voldoende data is het lastig om de frequentie en impact van schades betrouwbaar in te schatten.
Veel verduurzamingsoplossingen zijn technologisch complex en sterk geïntegreerd in bestaande processen. Dat maakt de risico’s minder overzichtelijk. Een storing of brand in één component kan grote gevolgschade veroorzaken, bijvoorbeeld door bedrijfsonder-breking of keteneffecten.
Energie
Bij energieopslagsystemen (EOS) zien we dit duidelijk terug. Batterijen wor den ingezet om piekbelasting op het elektriciteitsnet te verminderen en netcongestie te omzeilen. Tegelijkertijd brengen lithium-ion batterijen speci-fieke brand- en explosierisico’s met zich mee, die zich anders gedragen dan traditionele branden. De bestrijdbaarheid, herontsteking en milieuschade vragen om specialistische kennis, zowel bij ondernemers als bij verzekeraars.
Normen en richtlijnen
Een ander knelpunt is de snelle ontwikkeling van normen en richtlijnen. Bij nieuwe risico’s lopen wet- en regelgeving, technische standaarden en verzekeringsvoorwaarden vaak niet synchroon. Dit zorgt voor interpretatieverschillen: wanneer is een installatie state of the art ? Welke preventiemaatregelen zijn voldoende? Hier ligt een kans voor de overheid om wet- en regelgeving met betrekking tot veiligheid en de normering van nieuwe technieken te versnellen.
Houtbouw
Bij houtbouw zien we bijvoorbeeld dat moderne, grootschalige toepassingen (zoals CLT: Cross Laminated Timber ) fundamenteel verschillen van traditionele houtconstructies. Houtbouw wordt gezien als een belangrijke pijler onder CO₂-reductie in de bouw. Voor zakelijke opdrachtgevers zoals bedrijfshallen, kantoren en utiliteitsbouw, biedt het kansen op snelheid, circulariteit en een lagere milieuimpact. Tegelijkertijd roept hout als bouwmateriaal bij verzekeraars vragen op over brandveiligheid, vochtgevoeligheid en onderhoud, waardoor een andere risicobenadering dan bij beton of staal nodig is.
De afgelopen jaren is er veel kennis ontwikkeld over brandveilig ontwerpen, compartimentering en sprinklerconcepten in houtbouw. Naarmate deze kennis toeneemt en projecten aantoonbaar veilig worden gerealiseerd, zien we ook verschuivende acceptatiecriteria. Wat enkele jaren geleden nog moeilijk verzekerbaar was, kan nu onder voorwaarden wel degelijk een plek vinden in de markt. Belangrijk daarbij is wél dat adviseurs weten bij welke verzekeraars deze expertise aanwezig is.
Deelmobiliteit
Ook een groene ontwikkeling als deelmobiliteit blijkt complexe vraagstukken met zich mee te brengen. Eigendom, gebruik en verantwoordelijkheid vallen niet altijd samen. Voor zakelijke aanbieders van deelmobiliteitsconcepten leidt dit tot complexe aansprakelijkheidsvraagstukken: wie is verantwoordelijk bij schade? Hoe verhoudt gebruikersgedrag zich tot polisvoorwaarden? En hoe ga je om met intensiever gebruik en hogere schadelast?
Verzekeraars kijken hierbij niet alleen naar het voertuig, maar vooral naar het businessmodel, contractuele afspraken en risicobeheersing. Dit vraagt om maatwerk en specialistische acceptatie, wat het belang van directe toegang tot de juiste verzekeraar en specialist vergroot.
EOS en energiehubs
EOS en Energiehubs spelen een cruciale rol bij de verduurzaming van bedrijventerreinen en industrie. Door lokaal energie op te slaan en samen te werken, kunnen bedrijven pieken afvlakken en minder afhankelijk worden van een overbelast net. Tegelijkertijd zijn EOS één van de meest besproken nieuwe risico’s in verzekeringsland. Brand veiligheid, locatiekeuze, monitoring en noodprocedures zijn bepalend voor de verzekerbaarheid. Verzekeraars hanteren uiteenlopende eisen, die bovendien snel veranderen naarmate incidenten plaatsvinden en nieuwe inzichten ontstaan. Dit maakt het voor adviseurs lastig om bij te blijven en snel de juiste markt te vinden.
Een belangrijk inzicht is dat verzekerbaarheid geen statisch gegeven is. Naarmate meer kennis beschikbaar komt, pilots slagen en schades beter worden begrepen, verschuiven acceptatiecriteria. Dit zien we bij zonnepanelen, warmtepompen, houtbouw en nu ook bij EOS.
Praktijk
In de praktijk betekent dit dat ‘nee’ van vandaag, ‘ja, mits’ van morgen kan zijn. Maar alleen als vraag en aanbod elkaar weten te vinden. Daar wringt het nog wel eens: het is voor een adviseur niet altijd helder en transparant welke verzekeraar welke dekking biedt voor deze relatief nieuwe risico’s en het vinden van de juiste specialist bij de betreffende verzekeraar blijkt lastig. Hierdoor ontstaat een vorm van onverzekerbaarheid: niet doordat er daadwerkelijk geen risk appetite is, maar doordat adviseurs in een oerwoud terechtkomen waarin zij de weg naar dekking slechts moeizaam weten te vinden. Tegelijkertijd is er bij verzekeraars meer aandacht voor deze risico’s dan ooit. Vraag en aanbod weten elkaar dus onvoldoende te vinden.
Centrale Duurzaamheidsdesk
Juist op dit snijvlak heeft INSVER de Centrale Duurzaamheidsdesk ontwikkeld. Een online, gebruiksvriendelijke tool waarin adviseurs per duurzaam risicothema kunnen zien welke verzekeraars dekking bieden. Met de tool kan een adviseur snel, transparant en centraal zien bij welke verzekeraars hij een risico kan onderbrengen en met welke specialist of afdeling hij daarvoor contact kan opnemen.
Hiermee wordt een belangrijke drempel weggenomen. Verduurzamingsrisico’s worden beter bespreekbaar, bestaande oplossingen beter vindbaar en de dialoog tussen adviseur en verzekeraar inhoudelijker. Dat draagt niet alleen bij aan hogere verzekerbaarheid, maar ook aan beter risicobeheer en realistischer verwachtingen bij zakelijke klanten.
De energietransitie vraagt om innovatie, durf en samenwerking. Nieuwe risico’s zijn niet per definitie onverze kerbaar, maar vragen om kennis, transparantie en de juiste verbindingen. Door inzicht te geven in waar expertise en appetite aanwezig zijn, helpt de Centrale Duurzaamheidsdesk om verduurzaming daadwerkelijk verzekerd te krijgen.
Reactie toevoegen
Meer over
Hoe zit dat nu met duurzaam schadeherstel?
(Paul Burger, AnsvarIdéa/Turien & Co., in Ken je vak! VVP 1-2026) Uiteraard is geen enkele vorm van schadeherstel helemaal duurzaam en gaat schadeherstel...
Twijfel bij ondernemers over duurzame mobiliteit
De plannen om elektrisch rijden aantrekkelijker te maken zijn er, maar het draagvlak voor toekomstbestendige mobiliteit bij ondernemers staat onder druk. Dit blijkt...
Verduurzaming: Rabobank schiet VvE's te hulp
Om Verenigingen van Huiseigenaren (VvE’s) te ondersteunen bij de verduurzaming van het appartementencomplex stelt Rabobank een aanvullend bedrag van 100 miljoen...
AFM: "Goede initiatieven op duurzaamheidsgebied bij schadeverzekeraars"
Vrijwel alle verzekeraars geven aan dat hun sector een belangrijke schakel is in de energietransitie. Ze geven ook invulling aan deze belangrijke rol, ziet de AFM in...
Verduurzaming koopwoning loopt vaak spaak door onzekerheid
Driekwart van de Nederlandse woningeigenaren (76%) is van plan om in 2026 te investeren in hun woning. De onduidelijke regelgeving over verduurzaming vormt voor...
SER: nog te vaak obstakels bij verduurzamen van huis of bedrijfspand
Huishoudens en kleine ondernemers kunnen hun rol bij de energietransitie nog onvoldoende vervullen, meent de SER. Zij hebben meer kennis, mogelijkheden en stimulans...
ABN AMRO en Florius: rentetarieven per energielabel
ABN AMRO en Florius introduceren per 1 april 2026 nieuwe rentetarieven, waarbij zij de hypotheekrente nadrukkelijk koppelen aan de energieprestatie van de woning....
Energiehuis: één loket voor verduurzaming
Gebouweigenaren, gebruikers en bewoners kunnen straks op één plek terecht voor het verduurzamen van hun woning of gebouw: het Energiehuis. Dit nieuwe...
Veel verzekeraars hebben geen thuisbatterij-policy
Onderzoek van duurzaamheidsplatform Slimster onder negentien grote woonverzekeraars toont aan dat een op de drie verzekeraars helemaal niets vermeldt over thuisbatterijen...
Meer dan alleen financiële waarde
(Roy van den Heuvel en Gijsbert Koren, We Are Stewards, in VVP-special Duurzaam Adviseren 2026) Steward-ownership is als eigendomsmodel voor ondernemingen de afgelopen...









