Adviseur behoefde niet bedacht te zijn op pandemieuitsluiting voor 27 februari 2020

(Rechtspraak) De stelling van 4PM c.s. dat No Risk vanwege de berichtgeving over de verspreiding van het coronavirus eind januari 2020 ermee rekening had moeten houden dat de epidemie ook Nederland zou bereiken en dat verzekeraars coronadekking in evenementenpolissen mogelijk zouden kunnen uitsluiten is volgens het Gerechtshof Amsterdam te algemeen.
Het hof: "Op het moment dat Chubb meedeelde dat zij dekking voor schade veroorzaakt door de pandemie uitsloot was er voor No Risk nog geen aanleiding om te veronderstellen dat er door de uitbraak van het coronavirus en de daartegen te treffen overheidsmaatregelen een vergroot risico op annulering van de te verzekeren evenementen in Nederland bestond. Het coronavirus was op dat moment nog niet in Nederland vastgesteld en er waren nog verzekeraars die evenementenverzekeringen afsloten, waarbij geen voorbehoud vanwege de uitbraak van het coronavirus werd gemaakt. No Risk hoefde dus nog niet na te gaan welke gevolgen dit voor de door 4PM c.s. af te sluiten verzekeringsovereenkomst(en) zou hebben en of deze nog voldoende dekking zouden bieden. Ook hoefde zij naar aanleiding van de kennisgeving van Chubb de aanvullende gegevens van 4PM c.s. die zij op 24 februari 2020 ontving, niet sneller dan gebruikelijk aan verzekeraars door te sturen. No Risk heeft gemotiveerd naar voren gebracht dat zij pas op 27 februari 2020 van verzekeraars te horen kreeg dat de evenementenverzekeringen zoals door 4PM c.s. gewenst niet meer konden worden afgesloten. Hetgeen 4PM c.s. hier tegenover heeft gesteld is onvoldoende, omdat daaruit niet blijkt dat het coronavirus mogelijk ook gevolgen zou hebben voor evenementen in Nederland.
"De conclusie is dat No Risk voor 27 februari 2020 redelijkerwijs niet behoorde te weten dat coronadekking door verzekeraars in evenementenpolissen zou worden uitgesloten."
Zorgplicht niet geschonden
Het hof volgt in het hoger beroep het eerdere oordeel dat No Risk niet aansprakelijk is voor schade die 4PM c.s. heeft geleden doordat geen verzekeringsdekking kon worden verkregen voor het annuleren van evenementen als gevolg van de overheidsmaatregelen tegen het coronavirus.
Het hof: "Uit de vaststaande feiten volgt dat No Risk voorafgaand aan het afsluiten van de evenementenverzekeringen gesprekken met 4PM c.s. heeft gevoerd waardoor zij bekend was met de risicobereidheid van 4PM c.s. en het risico waartegen zij zich wilde verzekeren. No Risk was voor haar risico-inventarisatie uitsluitend aangewezen op informatie van 4PM c.s.
"Tussen partijen staat vast dat 4PM c.s. nimmer aan No Risk kenbaar heeft gemaakt dat zij vanaf de start van de organisatie van elk evenement verzekerd wenste te zijn tegen het risico dat het evenement geannuleerd zou moeten worden. Voor No Risk bestond er dus geen aanleiding om te denken dat 4PM c.s. dit van belang vond. Ook hoefde No Risk 4PM c.s. niet spontaan te wijzen op de mogelijkheid om eerder, en niet kort voor een evenement, een verzekering af te sluiten. 4PM c.s. heeft niet gesteld dat zij in de voorafgaande jaren een door haar ongewenst financieel risico heeft gelopen doordat de haar georganiseerde evenementen niet vanaf de start van de organisatie waren verzekerd tegen het risico van annuleren. Evenmin heeft 4PM c.s. gesteld en dit is ook niet gebleken, dat een dergelijke risicodekking in de branche gebruikelijk zou zijn.
"Met de kennis achteraf over de verspreiding van het coronavirus en de daartegen getroffen overheidsmaatregelen na februari 2020, kan worden vastgesteld dat een andere of eerder afgesloten verzekering mogelijk gunstiger zou hebben uitgepakt voor 4PM c.s. Van die kennis mag echter niet worden uitgegaan, omdat moet worden uitgegaan van de kennis in februari 2020. Voor No Risk was toen niet voorzienbaar dat een deel van de door 4PM c.s. in 2020 te houden evenementen zouden worden afgelast vanwege de overheidsmaatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus.
"In de gegeven omstandigheden hoefde No Risk 4PM c.s. dus niet te adviseren om een evenementenverzekering af te sluiten vanaf de start van de organisatie van een evenement."
Bovenstaande uitspraak die nu pas is gepubliceerd dateert overigens van februari.
Reactie toevoegen
Meer over
Adviseur moet bijna twee ton betalen na schenden zorgplicht
(Kifid-uitspraak GC 2025-1020) De Geschillencommissie beslist dat de adviseur een bedrag van 190.200 euro aan de consument vergoedt. Dit wegens schending van de...
Schending zorgplicht kost adviseur bijna ton
(Kifid-uitspraak GC 2025-0958) De Geschillencommissie komt tot het oordeel dat de adviseur een op hem rustende zorgplicht heeft geschonden en dat dit tot gevolg...
Schending zorgplicht kost adviseur 30 mille
(Rechtspraak) Is de tussenpersoon aansprakelijk voor de weigering van de verzekeraar van eiser om diefstalschade te betalen? De diefstal valt niet onder de dekking,...
Kifid: "Adviseur schendt zorgplicht door niet vastleggen gesprekken"
(Kifid-uitspraak GC 2025-0932) De consument verwijt Tardro Financiële Dienstverlening dat deze hem in 2023 onjuist heeft geadviseerd over de risico’s...
(Robin van Beem, BrandMR, in VVP-special Verzekerd Wonen 2025) U kent ze wel, klanten zoals Jeroen. Die altijd voor een dubbeltje op de eerste rang wil zitten....
Geldverstrekker leefde zorgplicht niet na bij opzegging hypotheek
(Rechtspraak) Kort geding. Opzegging woninghypotheek door bank wegens niet meewerken aan klantonderzoek Wwft niet toegestaan. ASN Bank (SNS Bank) heeft de hypothecaire...
Funderingsproblemen vielen niet onder zorgplicht adviseur
(Rechtspraak) Eisers hebben een woning gekocht. Na de levering blijkt uit deskundigenonderzoeken dat de funderingsproblemen aan de woning ernstiger zijn dan...
Weigering bank valt adviseur niet te verwijten
(Kifid-uitspraak GC 2025-0853) Anders dan de consument betoogt, is het niet aan de adviseur te wijten dat de consument geen gebruik heeft kunnen maken van de meeneemregeling....
'Yes' in appje adviseur leidt tot misverstand maar geen schade
(Kifid-uitspraak GC 2025-0830) Doordat de adviseur op hun Whatsapp-bericht van 25 oktober 2024 met “Yes” antwoordde, dachten de consumenten dat de hypotheekaanvraag...
Maaltijdbezorger te jong voor scooter, werkgever aansprakelijk
(Rechtspraak) Vijftienjarige overkwam arbeidsongeval door val met scooter bij bezorgen maaltijd. Artikel 7:658 BW werkgeversaansprakelijkheid. Schending zorgplicht....





