Eis tot vernietiging bindend Kifid-advies afgewezen door rechtbank

Rechtershamer via Pixabay

(Rechtspraak) De Rechtbank Amsterdam heeft een eis tot vernietiging van een bindend Kifid-advies afgewezen.

De rechtbank: “Een bindend advies kan worden vernietigd als gebondenheid aan die beslissing in verband met de inhoud of wijze van totstandkoming daarvan onder de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. Deze strikte maatstaf brengt mee dat een partij niet elke onjuistheid in het advies kan inroepen om de bindende kracht ervan aan te tasten. Alleen een ernstig gebrek in de inhoud of wijze van totstandkoming die zo zeer indruist tegen de redelijkheid en billijkheid dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn om aan dit advies te worden gehouden, kan leiden tot vernietiging van een bindend advies (vergelijk HR 15 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW0727). Uitsluitend ernstige gebreken geven aanleiding tot een sanctie: de beslissing is onaantastbaar als de grenzen waarbinnen redelijk denkende mensen van mening kunnen verschillen, niet zijn overschreden.

De al lang slepende kwestie betreft een opslagwijziging bij de hypotheek.

De eisers stelden onder meer dat Geschillencommissie en Commissie van Beroep het wijzigingsbeding niet ambtshalve hebben getoetst aan Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten. Ook zouden de uitspraken van de commissies gebrekkig zijn gemotiveerd. Daarnaast heeft de Commissie van Beroep in haar uitspraak volgens de eisers ten onrechte het opslagwijzigingsbeding als een kernbeding aangemerkt.

De rechtbank maakt korte metten met al deze grieven.

Wel merkt de rechtbank op: “In 2013, toen de Commissie van Beroep haar uitspraak deed, konden redelijk denkende mensen van mening konden verschillen over het antwoord op de vraag of het opslagwijzigingsbeding zoals in deze zaak aan de orde als kernbeding kan worden aangemerkt. Het oordeel van de Commissie van Beroep dat het opslagwijzigingsbeding duidelijk en begrijpelijk is geformuleerd, verhoudt zich niet tot de uitleg die het HvJEU in zijn arrest van 30 april 2014, zaak C-26/13 (Kásler) geeft van het begrip ‘duidelijk en begrijpelijk geformuleerd’ uit de Richtlijn, namelijk dat het er niet alleen om gaat dat een beding grammaticaal duidelijk is, maar ook dat het de consument in staat stelt de economische gevolgen die daar voor hem uit voortvloeien, te voorzien. Het is de vraag of dit opslagwijzigingsbeding dat doet, zo blijkt onder andere uit de uitspraak van de Commissie van Beroep van 27 september 2018 (2018-059), alinea 4.3 en 4.4. Dat een bindend advies niet in de lijn is met jurisprudentie die dateert van ná het bindend advies, kan echter niet maken dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat iemand daaraan wordt gehouden.”

 

 

Reactie toevoegen

 

Reacties

Paul Schoo - Platter-Schoo 11 augustus 2022

Dat is nou precies de reden waarom zowel adviseur als consument zich niet moeten binden aan het advies. De rechter kan dan bijna niet anders dan het Kifid volgen. De kwaliteit van het Kifid wordt wel vaker in twijfel getrokken.

Meer over
Verdwenen melkpoeder kost verzekeraars twee miljoen

Verdwenen melkpoeder kost verzekeraars twee miljoen

(Rechtspraak) Verzekeraars moeten van de Rechtbank Rotterdam een claim van circa twee miljoen euro inzake 1.000 m/t verdwenen melkpoeder honoreren. Verzekering biedt...

Reservesleutel mocht in auto blijven, want moeilijk vindbaar

Reservesleutel mocht in auto blijven, want moeilijk vindbaar

(Kifid-uitspraak GC 2022-0784) De auto van de consument is gestolen. Hij heeft een beroep gedaan op zijn verzekering, maar de verzekeraar (a.s.r.) heeft uitkering...

Klant had vroeger moeten opstaan

Klant had vroeger moeten opstaan

(Kifid-uitspraak GC 2022-0785) Dan had de klant maar eerder moeten opstaan om in alle vroegte het busje in te pakken voor de wintersportvakantie in plaats van de...

Verzekeraar moet kapotte lattenbodem toch vergoeden

Verzekeraar moet kapotte lattenbodem toch vergoeden

(Kifid-uitspraak GC 2022-0778) De kapotte broek en versleten slippers hoeft de verzekeraar niet te vergoeden op de inboedelverzekering, de kapotte lattenbodem, de...

TVM mocht polis niet per direct opzeggen

TVM mocht polis niet per direct opzeggen

(Rechtspraak) Verzekeraar zegt verzekeringsovereenkomst met onmiddellijke ingang op omdat verzekerde ten onrechte schade heeft geclaimd/niet aan zijn informatieplicht...

Bank niet verplicht hypotheek te verhogen

Bank niet verplicht hypotheek te verhogen

(Kifid-uitspraak GC 2022-0780) De consument beklaagt zich over de handelswijze van de geldverstrekker in het kader van zijn verzoek tot verhoging van zijn hypothecaire...

Kifid: UMG Verzekeringen schond zorgplicht

Kifid: UMG Verzekeringen schond zorgplicht

(Kifid-uitspraak GC 2022-0777, bindend) De consument heeft zijn levensverzekering met een garantiekapitaal in 1998 omgezet naar een beleggingsverzekering. Hierdoor...

Tussenpersoon hoefde niet te wijzen op 'nieuwe' clausule

Tussenpersoon hoefde niet te wijzen op 'nieuwe' clausule

(Rechtspraak) Van een redelijk handelend en redelijk bekwaam tussenpersoon kan, in voorkomend geval, worden verwacht dat hij de opdrachtgever waarschuwt voor wijziging...

Klager vordert vergeefs 51.250 euro overwaarde

Klager vordert vergeefs 51.250 euro overwaarde

(Kifid-uitspraak GC 2022-0772) De consument was in de veronderstelling dat hij in 2008 mede eigenaar is geworden van de woning van zijn toenmalige partner. Bij de...

Bank mocht dividenduitkeringen meenemen bij bepalen leencapaciteit

Bank mocht dividenduitkeringen meenemen bij bepalen leencapaciteit

(Rechtspraak) Rabobank mocht dividenduitkeringen meenemen bij het bepalen van de leencapaciteit van een ondernemer de de geldverstrekker nu beschuldigt van overkreditering....