Kifid: geschil over maandlasten beslecht in voordeel van adviseur

(Kifid-uitspraak GC 2026-0026) De consumenten menen dat De Hypotheker Voorburg zijn zorgplicht heeft geschonden. Zij stellen onder meer dat de adviseur hen onjuist advies heeft gegeven doordat de geadviseerde hypothecaire geldlening niet tot lastenverlaging heeft geleid. Dit was volgens hen een vereiste.
Begin 2024 hebben de consumenten de adviseur benaderd vanwege de aankoop van een woning en op 8 maart hebben de consumenten de offerte van de hypotheekverstrekker ondertekend voor een hypothecaire geldlening van € 570.000,-. In de offerte is vermeld dat maandlast van de hypothecaire geldlening € 2.768,- bedraagt. Op 5 juni 2024 is de hypotheekakte gepasseerd.
Na contact met hun boekhouder, hebben de consumenten op 18 juni 2024 de adviseur per e-mail geschreven dat het door hem verstrekte advies niet klopt. Op 13 augustus 2024 heeft de adviseur per e-mail gereageerd op het bezwaar van de consumenten. De verdere uitwisseling van standpunten door partijen in de interne klachtenprocedure heeft niet geleid tot een oplossing van de klacht.
De consumenten vorderen van de adviseur een bedrag van € 15.841,-. Volgens hen heeft de adviseur zijn zorgplihct geschonden. Zo was bekend dat het hoofddoel verlaging van de maandelijkse woonlasten was ten opzichte van de toenmalige gezamenlijke huur van € 2.465,-. Volgens de consumenten heeft de adviseur niet in het belang van de consumenten gehandeld door hun hoofddoel te ondermijnen. Bij een juiste voorstelling van zaken waren de consumenten de koopovereenkomst voor hun woning niet aangegaan. De schade bestaat uit het aangaan van een zwaardere financiële verplichting dan is geadviseerd en beoogd. Daarnaast zou de adviseur een te rooskleurig en verwarrend beeld geschetst van de toekomstige woonlasten.
Daarnaast heeft de adviseur uitsluitend gekeken naar de rente en aflossing als maandlast, maar dat is een veel te enge definitie van woonlasten, aldus de consumenten. De maandelijkse woonlasten omvatten namelijk alle kosten rondom wonen. Daarbij heeft de adviseur de consumenten geconfronteerd met drie significant verschillende netto
maandbedragen in het mondelinge advies, het adviesrapport en de hypotheekofferte. De adviseur had geen controle op de berekeningen en hij heeft de consumenten op meerdere momenten onjuist voorgelicht. Met een correcte en volledige berekening zou direct zichtbaar zijn geweest dat het advies helemaal niet leidde tot de vereiste lastenverlaging.
Ook heeft de adviseur een incorrecte berekening gemaakt van de eigenwoningreserve waardoor een deel van de nieuwe hypothecaire geldlening ten onrechte als niet-aftrekbaar is aangemerkt. Tenslotte heeft de adviseur een onjuiste WOZ-waarde gehanteerd, aldus de consumenten.
De commissie is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de adviseur tegenover de consumenten tekort is geschoten. "Uit het adviesrapport volgt wat zij als maximale hypotheeklast wensten. Dat geldt overigens ook voor de andere documenten die de adviseur de consumenten heeft toegestuurd waarin hun wensen zijn opgenomen. Die gewenste hypotheeklast was maximaal € 2.800,-. De offerte die de consumenten van hun hypotheekverstrekker hebben ontvangen is in lijn met deze wens. Het is niet gebleken dat de consumenten na ontvangst van onder meer het adviesrapport of de hypotheekofferte bezwaar hebben gemaakt tegen de hoogte van de maandlasten. De consumenten hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij de woning niet hadden gekocht als zij op de hoogte waren van de werkelijke maandlasten. Ook in de andere klachtenonderdelen ziet de commissie geen grond voor toewijzing van de vordering", aldus de Geschillencommissie.
De commissie wijst de vordering van de consumenten af.
Reactie toevoegen
Dominante positie starters op woningmarkt vlakt af
Het aantal hypotheekaanvragen voor de aankoop van een woning is sinds eind 2025 onder doorstromers sneller gestegen dan onder starters, waardoor het verschil tussen...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0216) De consument had een reis geboekt naar de Verenigde Staten waarbij hij met een geboekte camper een rondreis zou gaan maken. Enkele...
Conflictstof door robotstofzuiger
(Kifid-uitspraak GC 2026-0213) De consument is van mening dat het wieltje van zijn robotstofzuiger gebreken vertoont en schade heeft toegebracht aan zijn...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0209) De consument klaagt dat de geldverstrekker ten onrechte meende dat hij de zelfbewoningsplicht en het verhuurverbod uit de overeengekomen...
Adviseur draait op voor kosten hersteladvies
(Kifid-uitspraak GC 2026-0205) De consumenten hebben zich beklaagd over het adviestraject bij de adviseur en stellen hierdoor schade te hebben geleden die zij...
Kifid: schriftelijke garantie merkdealer nodig voor rechtshulp
(Kifid-uitspraak GC 2026-0193) De consument heeft een beroep op de rechtsbijstandverzekering gedaan voor een conflict met een Duits autobedrijf over een gekochte...
Voet door hengsel rugzak steken
(Kifid-uitspraak GC 2026-0188) De consument heeft een beroep gedaan op de verzekering en de verzekeraar verzocht de schade die zij heeft geleden als gevolg...
Nagaan dat bagage buiten toezicht veilig is gestald
(Kifid-uitspraak GC 2026-0178) De consument heeft een beroep op zijn reisverzekering gedaan naar aanleiding van diefstal van zijn bagage. De consument...
Nieuwe werkwijze Kifid bij plannen mondelinge behandeling geschillencommissie
Door toenemende drukte blijkt het steeds lastiger voor Kifid om voor alle partijen een passende zittingsdatum te vinden. Het huidige beleid biedt hiervoor onvoldoende...
Provisieverbod nekt loyaliteitsbonus
(Kifid-uitspraak GC 2026-0175) De consument wil de loyaliteitsbonus bij haar hypothecaire lening uit 2004 alsnog gebruiken of uitgekeerd krijgen. Door het wettelijke...





