Kifid: premieverhoging Promovendum niet te goeder trouw

(Kifid-uitspraak GC 2025-0272) Een consument vordert dat gevolmachtigde Promovendum de premieverhoging voor twee autoverzekeringen per contractvervaldatum ongedaan maakt. Promovendum heeft de verhoging van de premie gebaseerd op artikel 20 aanhef, onder b, van de algemene verzekeringsvoorwaarden dat de gevolmachtigde het recht geeft om op ieder moment en om elke reden die hij daarvoor ziet de premie of de voorwaarden aan te passen.
De commissie concludeert onder meer: "Artikel 20 aanhef, onder b, van de algemene verzekeringsvoorwaarden verleent de gevolmachtigde een ruime bevoegdheid. De premie kan worden verhoogd “Als er voor ons een reden is” (subjectief) en “op ieder moment” (dus ook tussentijds). Het artikel geeft slechts één voorbeeld van redenen voor een premieverhoging (“Bijvoorbeeld omdat we erg veel schades hebben.”), waarbij het kennelijk aan de gevolmachtigde zelf is (“voor ons”) om te bepalen wanneer sprake is van ‘erg veel’. Het artikel houdt geen rekening met de mogelijkheid dat de verzekeringnemer, zoals in deze zaak, juist met de gevolmachtigde gecontracteerd heeft na diens aanbod om naar hem over te stappen voor een lagere premie. Het enige controlemechanisme waarin het artikel voorziet, is dat de gevolmachtigde de premieverhoging toelicht (“Wij leggen je uit waarom we de premie of voorwaarden aanpassen.”) en dat de verzekeringnemer de verzekering kan opzeggen. Het artikel zet geen grens aan de verhoging die de gevolmachtigde mag doorvoeren en evenmin aan de redenen die aan een verhoging ten grondslag kunnen liggen. Het artikel dwingt de gevolmachtigde nauwelijks tot een objectieve onderbouwing van de noodzaak tot premieverhoging."
De commissie is dan ook van oordeel dat het artikel een aanzienlijke verstoring van het evenwicht veroorzaakt tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van partijen. "Aan het transparantievereiste is niet voldaan; de consument kan niet, althans onvoldoende, aan de hand van duidelijke en begrijpelijke criteria eventuele verhogingen van de premie voorzien. Dat het artikel de verzekeringnemer de bevoegdheid verleent om de verzekering op te zeggen in geval van een premieverhoging, maakt het artikel niet (toch) evenwichtig. Wel levert dat een relevante omstandigheid op maar de commissie vindt de zojuist genoemde aspecten van het artikel zwaarder wegen. In het bijzonder vindt zij van belang dat de consument na opzegging uiteraard geen verzekeringsdekking meer heeft, zodat van de opzeggingsmogelijkheid niet of nauwelijks een verzachtende omstandigheid uitgaat."
Verder zegt de commissie dat er sprake is van een (soort) en bloc-wijziging, omdat Promovendum niet alleen heeft bedoeld om de premie van deze consument te verhogen. "Voor een tussentijdse eenzijdige wijziging op grond van artikel 7:940 lid 4 BW volgt uit de rechtspraak dat de reden daarvoor van dien aard moet zijn, dat gebondenheid aan het ongewijzigd voortzetten van de overeenkomst niet van de verzekeraar kan worden gevergd. Als uitgangspunt geldt dat de aard van de verzekeringsovereenkomst, waarbij het afdekken van risico’s voor de verzekerde centraal staat, meebrengt dat de verzekeraar van een eenzijdige bevoegdheid tot het verhogen van premie slechts onder zeer bijzondere omstandigheden gebruik mag maken. In deze procedure is niet gebleken dat het voortzetten van de verzekering niet van de gevolmachtigde kan worden gevergd, als hij de premieverhoging niet kan doorvoeren."
De commissie oordeelt dat het beding niet transparant is en dat sprake is van een aanzienlijke verstoring van het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument. "Deze verstoring is in strijd is met de goede trouw. De consument zou het beding niet hebben aanvaard als partijen daarover afzonderlijk hadden onderhandeld. Het beding is daarom onredelijk bezwarend. Dit brengt mee dat het beding buiten toepassing moet worden gelaten en de consument dus niet aan het beding is gebonden. Omdat de gevolmachtigde geen beroep op het beding toekomt, heeft hij ten onrechte met een beroep daarop de premie verhoogd. De vordering van de consument tot ongedaanmaking van de premieverhoging wordt toegewezen."
Reactie toevoegen
Kifid: "Adviseur schendt zorgplicht door niet vastleggen gesprekken"
(Kifid-uitspraak GC 2025-0932) De consument verwijt Tardro Financiële Dienstverlening dat deze hem in 2023 onjuist heeft geadviseerd over de risico’s...
Kifid: AVP dekt schade door opgevoerde fatbike niet
(Kifid-uitspraak GC 2025-0869) Een 12-jarige botst met zijn fatbike op een scooter. De scooterrijder stelt de vader van de 12-jarige aansprakelijk voor de schade....
Kifid: maak de ORV altijd onderwerp van gesprek
"Praten over de dood is misschien ongemakkelijk. Toch moeten financieel adviseurs en ook verzekeraars het gesprek over de ORV vaker en nadrukkelijker voeren", aldus Eveline...
Kifid: adviseur schiet tekort en moet zijn klanten vergoeding betalen
(Kifid-uitspraak GC 2025-0814). Consumenten beklagen zich over het advies van Finergie uit Rotterdam (Hypotheekshop) de adviseur bij de aankoop van hun nieuwe...
Kifid: geen schade vermeende tekortkoming adviseur dan ook geen vordering
(Kifid-uitspraak GC 2025-0686) De commissie moet beoordelen of De Hypotheker Arnhem Centrum een onjuist advies heeft gegeven aan de consument, door bij...
Kifid: koffers afgegeven aan hotel: geen dekking schade
(Kifid-uitspraak GC 2025-0616, bindend. Een consument heeft een beroep gedaan op haar (kortlopende) reisverzekering en aan verzekeraar a.s.r. verzocht de schade...
Kifid past consumentenbegrip aan na uitspraak Europees Hof
(Kifid-uitspraken GC 2025-0558 en GC 2025-0559) De uitspraak van het Europese Hof van Justitie van 24 oktober 2024 over de uitleg van het begrip ‘consument’...
Kifid: geen ART-slot geen vergoeding schade
(Kifid-uitspraak GC 2025-0510) De motor van de consument is gestolen. Nationale-Nederlanden heeft geweigerd de schade te vergoeden omdat de motor ten tijde...
Kifid: dossier niet op orde, toch geen schending zorgplicht
(Kifid-uitspraak GC 2025-0491) Een consument is van mening dat pensioenuitvoerder Nationale-Nederlanden de zorgplicht heeft overtreden. De commissie heeft begrip...
Kifid: nieuwe bestemming woning dan ook nieuw adviestraject
(Kifid-uitspraak GC 2025-0456) Consumenten hebben in 2022 gekozen voor een ‘verhoogde inschrijving’ om extra financiering aan te kunnen aanvragen. Hun...








