Kifid: roekeloos rijden niet bewezen, bumperkleven wel

(Kifid-uitspraak 2025-0093) De auto van de consument is betrokken geweest bij een aanrijding met twee andere voertuigen. Volgens de consument is de tegenpartij aansprakelijk voor de schade, omdat de aanrijding het gevolg is van zijn gevaarlijk rijgedrag. De vertegenwoordiger (Achmea) van verzekeraar Uniqua TU uit Warschau) van de tegenpartij heeft de aansprakelijkheid afgewezen, omdat geen causaal verband bestaat tussen de aanrijding en het gevaarlijke rijgedrag van de tegenpartij.
Wat is er gebeurd?
Op 27 oktober 2023 is de zoon van de consument als bestuurder van de auto van de consument betrokken geraakt bij een aanrijding met twee andere auto’s op de A-15. Direct na de aanrijding heeft de politie ter plaatse een schadeaangifteformulier ingevuld. Uit dat schadeaangifteformulier blijkt dat de auto van de consument achterop het voertuig van de tegenpartij is gereden en dat de tegenpartij achterop de auto van een derde (de getuige) is gereden. De politie heeft verder een proces-verbaal opgemaakt waaruit blijkt dat de auto van de consument niet op tijd tot stilstand kon komen en daardoor achterop de auto van de tegenpartij is gereden. Door die aanrijding is de tegenpartij vervolgens achterop de auto van de getuige gereden.
De consument vindt dat de tegenpartij aansprakelijk is voor de schade aan zijn auto die is ontstaan door de aanrijding. Hij vordert dat de vertegenwoordiger de aansprakelijkheid erkent en de schade van 12.000, euro vermeerderd met wettelijke rente hierover vanaf 1 december 2023 volledig vergoedt.De consument vordert de schade bij de verzekeraar van de tegenpartij. De vertegenwoordiger van de verzekeraar heeft de aansprakelijkheid afgewezen. De consument kan zich niet verenigen achter dat standpunt en heeft een klacht ingediend bij Kifid.
Bewijslast
De commissie stelt dat deze zaak gaat over de verdeling van de bewijslast. In het artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) staat dat de partij die zich beroept op de rechtsgevolgen van de door haar gestelde feiten (in dit geval de consument), deze feiten zal moeten bewijzen, als deze door de wederpartij (in dit
geval de vertegenwoordiger) gemotiveerd worden betwist. De consument heeft volgens de commissie echter niet aangetoond dat de aanrijding het gevolg is van het gevaarlijke rijgedrag.
Uit het dossier blijkt niet dat het gevaarlijk rijgedrag van de tegenpartij de oorzaak is van de aanrijding met de auto van de consument. Uit de verklaring van de getuige blijkt dat na het ‘krappe invoegen’ van de tegenpartij enkele honderden meters zijn gereden voordat de aanrijding plaatsvond. De vertegenwoordiger concludeert hieruit dat de aanrijding tussen de consument en de tegenpartij niet is veroorzaakt door het rijgedrag van de tegenpartij. Dit blijkt ook niet uit het proces-verbaal van de politie. De vertegenwoordiger stelt dat de consument voldoende tijd had om te reageren op het gevaarlijk rijgedrag van de tegenpartij, maar hij verzuimd heeft om voldoende afstand te nemen. Volgens de vertegenwoordiger is de aanrijding veroorzaakt door de zoon van de consument, omdat hij niet voldoende afstand hield tot de auto van de tegenpartij op grond van artikel 19 Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens).
De commissie volgt het standpunt van de vertegenwoordiger. "Gelet op de verklaring van de getuige en het politierapport heeft de consument niet aangetoond dat hij geen mogelijkheid had om te reageren op het rijgedrag van de tegenpartij. De tegenpartij voegde in op de A-15 bij hectometerpaal 122.2 en de aanrijding 1400 meter verder bij hectometerpaal 123.6 plaatsvond. De getuige heeft verklaard dat de tegenpartij na het invoegen op de A-15 de getuige rechts probeerde in te halen. Hiervoor was geen ruimte en daarom voegde de tegenpartij in achter de getuige. De tegenpartij bleef volgens de getuige – en dit is essentieel - vervolgens enkele honderden meters ‘bumperkleven’ achter de getuige. De zoon van de consument had dan ook voldoende tijd om vaart te minderen om zo de afstand tussen zijn auto en die van de tegenpartij te vergroten. Met een snelheid van circa 80-90 kilometer per uur bieden enkele honderden meters de zoon van de consument voldoende tijd om te reageren op het ‘krappe invoegen’ van de tegenpartij en de afstand te vergroten, zodat hij een voldoende veilige remweg had."
De commissie oordeelt dat de vertegenwoordiger terecht de aansprakelijkheid heeft afgewezen, omdat de consument niet heeft aangetoond dat de aanrijding het gevolg was van het gevaarlijke rijgedrag van de tegenpartij. De klacht is ongegrond en de vordering wordt afgewezen.
Reactie toevoegen
Kifid vernietigt kredietovereenkomsten met Klarna
(Kifid-uitspraak GC 2026-0304 en GC 2026-0305, bindend) Twee consumenten hebben voor betaling van hun aankopen in een webwinkel gebruik gemaakt van achteraf betalen...
Kifid: consument moet bewijzen wanneer schade is ontstaan
(Kifid-uitspraak GC 2026-0272, bindend) De consument heeft een Unigarant Woonverzekering afgesloten via gevolmachtigd agent UVM Verzekeringsmaatschappij. De...
Achmea bundelt pensoenadviesdiensten
Achmea brengt drie adviesdiensten – actuarieel advies, bestuursadvies en juridisch advies – van Achmea Pensioenservices (APS) onderbij bij Achmea...
Achmea: premiegroei in alle segmenten
Het operationeel resultaat van Achmea is vorig jaar met zeven procent gestegen naar 938 miljoen euro, vanuit sterke resultaten bij Schade & Inkomen, Internationaal...
Kifid: schriftelijke garantie merkdealer nodig voor rechtshulp
(Kifid-uitspraak GC 2026-0193) De consument heeft een beroep op de rechtsbijstandverzekering gedaan voor een conflict met een Duits autobedrijf over een gekochte...
Achmea: overeenkomst beleggingsverzekeringen definitief
Achmea maakt bekend dat de overeenkomst met belangenorganisaties over beleggingsverzekeringen definitief is. Meer dan 90 procent van de aangesloten polishouders...
"Veroorzakers parkeerschades rijden steeds vaker door"
Het aantal parkeerschades zonder bekende veroorzaker nam sinds 2022 met 1.904 claims toe. Dit blijkt uit een analyse van Independer op basis van cijfers van Stichting...
Nieuwe locaties Achmea in Amsterdam en Leiden
In 2028 en 2029 verhuist Achmea binnen Amsterdam en Leiden naar nieuwe kantoren. De huidige huurcontracten in deze steden lopen...
Georgette Fijneman treedt terug als divisievoorzitter van Zilveren Kruis
Georgette Fijneman heeft besloten in de zomer van 2026 terug te treden als divisievoorzitter van Zilveren Kruis. Na een periode van acht en een half jaar in deze...
Kifid: eis schadevergoeding noodzakelijk bij klacht
(Kifid-uitspraak GC 2026-0097, bindend) Een consument stelt dat adviseur A. van de Hoef Verzekeringen uit Scherpenzeel ten onrechte haar schadeclaim niet bij...










