Kifid: Van Bruggen Adviesgroep hoeft niet te waarschuwen voor gevolgen aangaan tweede hypothecaire lening

Kifid kantoor

De Van Bruggen Adviesgroep had een inmiddels gescheiden stel niet hoeven waarschuwen voor de gevolgen van het aangaan van de tweede hypothecaire geldlening. Zo stelt de Geschillencommissie Kifid in bindende uitspraak 2019-632. Het stel sloot een tweede hypothecaire lening via Van Bruggen Adviesgroep Eindhoven bij ING, kon de eerste woning niet verkopen en kwamen na een scheiding in financiële problemen. Ze claimen onvoldoende gewaarschuwd te zijn.

Wat is het geval? In 2009 heeft de consument samen met zijn toenmalige partner) na advies van de Van Bruggen Adviesgroep zijn hypothecaire geldlening bij de ING opgehoogd naar een bedrag van 700.000 euro voor (onder meer) Woning I. In 2010 hebben Consument en zijn ex-partner een nieuwe woning gekocht (Woning II). Daarbij hebben zij bij ING via de Van Bruggen Adviesgroep de tweede hypothecaire geldlening gesloten voor 755.000 euro. Nadat de consument en zijn ex-partner van elkaar zijn gescheiden in 2013, zijn Woning I en Woning II in 2016 en 2017 met een hoge restschuld verkocht.

De Commissie stelt voorop dat partijen het erover eens zijn dat verstrekking van de tweede hypothecaire geldlening in 2010 nooit het doel had om cumulatief te bestaan naast de eerste hypothecaire geldlening. Wel staat vast dat de verkoop van Woning I lang op zich heeft laten wachten, waardoor wel lange tijd sprake is geweest van dubbele hypotheeklasten. Partijen verschillen van mening over de vraag of de adviseur en ING rekening met deze omstandigheid hadden moeten houden en of, de tweede hypothecaire geldlening beoordeeld had moeten worden als ware deze cumulatief van aard.

De Commissie stelt vast dat ING, zoals voorgeschreven in artikel 6 GHF, het inkomen van de consument en zijn ex-partner heeft getoetst voor het bepalen van de leencapaciteit. Niet is gebleken dat de consument en zijn ex-partner de dubbele lasten gedurende de looptijd niet heeft kunnen opbrengen. Daarnaast kan de Commissie de stelling van de bank volgen die inhoudt dat het niet ongebruikelijk is om een nieuwe woning te kopen voordat de oude woning is verkocht. De Commissie ziet daardoor geen reden om het verwijt aan Van Bruggen Adviesgroep te volgen in die zin dat hij de consument en zijn ex-partner had moeten waarschuwen voor de gevolgen van het aangaan van de tweede hypothecaire geldlening. Bovendien stond vast dat de consument en zijn ex-partner de intentie hadden om Woning I (spoedig) te verkopen. Dat achteraf is gebleken dat de verkoop van Woning I en vervolgens Woning II veel langer op zich heeft laten wachten dan partijen aanvankelijk voor ogen stond, is niet een omstandigheid die aan de bank of de adviseur te wijten is. Dit geldt ook ten aanzien van de hoge restschulden. De Commissie wijst de vordering van de consument tegen ING en Van Bruggen Adviesgroep af.

Reactie toevoegen

 
Meer over
Niet goed, geld terug...

Niet goed, geld terug...

Een adviseur verwoordt zijn 'niet goed, geld terug'-garantie zo dat de consument volgens Kifid terecht zijn geld terugeist, ook al is helemaal niet gezegd dat de...

Duurzame drager: voorwaarden moeten gedurende passende termijn ongewijzigd beschikbaar zijn

Duurzame drager: voorwaarden moeten gedurende passende termijn ongewijzigd beschikbaar zijn

Een website kan slechts als duurzame informatiedrager worden aangemerkt indien adviseur noch beheerder van de website de inhoud ervan eenzijdig kan wijzigen. De...

Nazorg

Nazorg

De op de adviseur rustende verplichtingen na het advies- en bemiddelingstraject worden in de eerste plaats ingekleurd door de in artikel 7:401 Burgerlijk Wetboek...

Adviseur kan opzegging nazorgovereenkomst niet weigeren

Adviseur kan opzegging nazorgovereenkomst niet weigeren

Een financieel adviseur kan het opzeggen van een nazorgovereenkomst door een consument niet uitsluiten, zo concludeert de Geschillencommissie van Kifid uitspraak...

Adviseur moet deel bereidstellingsprovisie vergoeden

Adviseur moet deel bereidstellingsprovisie vergoeden

Kifid laat een hypotheekadviseur een deel van de bereidstellingsprovisie vergoeden wegens schending van de zorgplicht (uitspraak GC 2019-1088). De Geschillencommissie:...

ASR moet rentevergoeding in spaarhypotheek herstellen

ASR moet rentevergoeding in spaarhypotheek herstellen

Kifid laat ASR de schade vergoeden die een hypotheekklant leed door wijziging van het risicobeleid. De consument kwam weliswaar in een lagere risicoklasse, tegelijkertijd...

Bank niet gehouden tot tussentijdse rentewijziging op basis van rentemiddeling

Bank niet gehouden tot tussentijdse rentewijziging op basis van rentemiddeling

Was Florius verplicht de consumenten een tussentijdse rentewijziging op basis van rentemiddeling aan te bieden? Kifid is van oordeel dat dat niet het geval is (uitspraak...

Kifid wijst vordering af ondanks schending zorgplicht door adviseur

Kifid wijst vordering af ondanks schending zorgplicht door adviseur

Consumenten menen dat hun overlijdensrisicoverzekeringen na de omzetting van hun hypotheek overbodig waren geworden. Zij verwijten hun adviseur (Rabobank) dat hij...

Verzekeraar moet bewijzen dat polisblad is ontvangen

Verzekeraar moet bewijzen dat polisblad is ontvangen

Verzekeraar mocht zich houden aan het laatst bij hem bekende adres van de consument. Maar dit laat onverlet dat hij moet bewijzen dat het polisblad op dat adres...

Premieverhoging van 95 procent redelijk en billijk

Premieverhoging van 95 procent redelijk en billijk

Het kan lonen om te checken of een verzekeraar bij het bepalen van de premie van de woonverzekering uitgaat van de juiste WOZ-waarde. Een verzekeraar vernieuwde...