Voorgenomen wetswijzigingen toepassing eigenwoningregeling bij partners

Hypotheek rekenmachine via Pixabay

Staatssecretaris Vijlbrief heeft de Tweede Kamer een aantal voorgenomen wetswijzigingen toepassing eigenwoningregeling (EWR) bij partners toegestuurd. Het streven is de wetswijzigingen op te nemen in het wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2022 en deze per 1 januari 2022 in werking te laten treden.

Met de wetswijzigingen wordt toepassing van de bijleenregeling en de aflossingsstand in partnerschapssituaties volgens de staatssecretaris rechtvaardiger en worden onbedoelde renteaftrekbeperkingen voorkomen. Verder wordt de eigenwoningregeling in situaties van overlijden eenvoudiger gemaakt en wordt een achterblijvende partner niet onnodig geconfronteerd met het eigenwoningverleden van de overleden partner.

Er lag al een paar jaar een beleidsbesluit in deze, dat nu dus pas wordt gecodificeerd. De staatssecretaris ziet echter aanleiding de maatregelen op andere wijze vorm te geven.

De maatregelen in het kort:

Alleen bij een huwelijk in algehele gemeenschap van goederen is overgang van een
pre-boedelmenging EWR aan de orde. 
Artikel 3.119aa, zesde lid, eerste zin, Wet IB 2001 wordt aangepast en krijgt een beperkter bereik.

Bij gezamenlijke aankoop en financiering van een eigen woning wordt van hetgeen de partners gezamenlijk – rekening houdend met hun EWR – maximaal als EWS (nieuwe eigenwoningschuld) mogen financieren, maar vanwege de wijze van financiering en werking van de bijleenregeling bij hen individueel niet als EWS wordt aangemerkt, mede als EWS aangemerkt.
Voornoemde wordt in een nieuwe bepaling geregeld. 

Een aflossingsstand gaat niet langer over naar de partner naar rato van de gerechtigdheid tot de huwelijksgemeenschap. Een aflossingsstand blijft bij degene bij wie deze is ontstaan.
Artikel 3.119d, vierde lid, eerste zin, Wet IB 2001 komt te vervallen.

Inzet van een aflossingsstand bij gezamenlijke aankoop en financiering van een eigen woning vindt bij de belastingplichtige of zijn partner gezamenlijk plaats voor tenminste het bedrag van het aandeel in de schuld van de partner met de betreffende aflossingsstand in de totale schuld. 
In een nieuwe bepaling wordt deze inzet van een aflossingsstand geregeld.

Het wordt bij gezamenlijke aankoop en financiering van een eigen woning mogelijk voor de partner om de ruimte voor de maximale BEWS (bestaande eigenwoningschuld) die de andere partner heeft in de oversluitperiode te benutten (kan-bepaling).
Artikel 10bis.1, derde lid, Wet IB 2001 wordt hierop aangepast.
Vanwege gedeeltelijke overlap van deze nieuwe regeling met de regeling van artikel 10bis.1, zevende lid, tweede zin, Wet IB 2001 komt deze laatste regeling te vervallen.

Het overlijden van een belastingplichtige leidt altijd tot een vervreemding van de eigen woning (is terug naar het uitgangspunt van vóór 2013).
Artikel 3.119aa, vierde lid, Wet IB 2001, wordt hierop aangepast.

Ook terug naar het uitgangspunt van vóór 2013: bij overlijden ontstaat een EWR, maar deze vervalt samen met een eventueel al bestaande EWR van rechtswege vanwege het overlijden.
Een EWR gaat bij overlijden niet over op een andere belastingplichtige.
Artikel 3.119aa, zesde lid, tweede zin, Wet IB 2001 komt te vervallen.

Eveneens terug naar het uitgangspunt van vóór 2013: bij overlijden ontstaat een aflossingsstand, maar deze vervalt samen met een eventueel al bestaande aflossingsstand van rechtswege vanwege het overlijden.  Een aflossingsstand gaat bij overlijden niet over op een andere belastingplichtige.
Artikel 3.119d, vierde lid, tweede zin, Wet IB 2001 komt te vervallen.

Indien een EWS bij overlijden krachtens erfrecht overgaat op de partner gaat ook het aflossingsschema van die schuld over op die partner.
Artikel 3.119c, negende lid, Wet IB 2001 blijft ongewijzigd.

Indien een BEWS bij overlijden krachtens erfrecht overgaat op de partner gaat ook de kwalificatie BEWS over voor de resterende periode van de 30-jaarstermijn.
Artikel 10bis.1, zevende lid, eerste zin, Wet IB 2001 blijft ongewijzigd.
Artikel 10bis.1, zevende lid, derde zin, Wet IB 2001 wordt een kan-bepaling.

 

Reactie toevoegen

 
Meer over
AFM: "Criteria acceptatiebeleid hypotheken moeten scherper"

AFM: "Criteria acceptatiebeleid hypotheken moeten scherper"

De criteria in het acceptatiebeleid van hypotheekaanbieders laten volgens de AFM aan duidelijkheid te wensen over, waardoor het risico op overkreditering bestaat....

Consultatie Wijzigingsregeling hypothecair krediet 2023

Consultatie Wijzigingsregeling hypothecair krediet 2023

Financiën is de consultatie gestart van de Wijzigingsregeling hypothecair krediet 2023. De consultatie sluit 29 augustus. De wegingsfactor voor de berekening...

Voorbehouden niet verplicht in koopovereenkomst

Voorbehouden niet verplicht in koopovereenkomst

Minister De Jonge gelooft niet in de voorbehouden van financiering en bouwkundige keuring als verplicht onderdeel van een koopovereenkomst. De minister: “Uit...

Standaardisering erfpachtinstrument kan financiering flexibele woonvormen vereenvoudigen

Standaardisering erfpachtinstrument kan financiering flexibele woonvormen vereenvoudigen

Er komt meer flexibiliteit in het financieren van verschillende alternatieve woonvormen zoals tiny houses en flexwoningen, schrijft minister De Jonge over de uitkomsten...

DNB verlengt Regeling risicoweging hypothecaire leningen 2022 met twee jaar

DNB verlengt Regeling risicoweging hypothecaire leningen 2022 met twee jaar

DNB wil de Regeling risicoweging hypothecaire leningen 2022 met twee jaar verlengen. De toezichthouder: “In het licht van de aanhoudende oververhitting op...

Overhevelen eigen woning naar box 3 complexe transitie

Overhevelen eigen woning naar box 3 complexe transitie

Overhevelen van de eigen woning en eigenwoningschuld naar box 3 kent een complexe transitie. Waarbij nog onderzoek gedaan moet worden in hoeverre dit past op het...

Tien jaar vast populairste renteperiode

Tien jaar vast populairste renteperiode

Tien jaar vast is sinds een paar weken weer de populairste renteperiode, aldus De Hypotheekshop. De adviesketen: “Sinds 2018 kozen de meeste consumenten bij...

Consumenten kiezen voor kortere looptijd hypotheek

Consumenten kiezen voor kortere looptijd hypotheek

Consumenten kiezen nu voor kortere rentevaste periodes. HDN: “Met een kortere rentevaste periode zijn de maandlasten voor de hypotheek lager. Consumenten kiezen...

Financieel risico woningbezit afgenomen

Financieel risico woningbezit afgenomen

De financiële risico’s van hypotheken voor eigenwoningbezit zijn afgenomen. Het aandeel huishoudens met een woning 'onder water' (een hogere hypotheekschuld...

"Beter voorlichten over impact private lease op leencapaciteit"

"Beter voorlichten over impact private lease op leencapaciteit"

De Hypotheekshop roept op tot betere voorlichting over private lease en de gevolgen voor de leencapaciteit. De adviesketen: “Klanten realiseren zich vaak niet...