Overname bij uitstek moment om situatie klant na te gaan

(Kifid-uitspraak GC 2025-0781) De adviseur heeft toen de uitvaartverzekeringen bij hem in beheer kwamen, verzuimd te onderzoeken of deze nog passend waren. In zoverre is de klacht gegrond. De Geschillencommissie kan echter niet vaststellen dat de consument als gevolg daarvan schade lijdt of zal lijden.
De commissie: "Als een verzekering wordt overgenomen, dan is dit bij uitstek een moment om de situatie van de klant na te gaan. Daar komt bij dat tussenpersoon er in beginsel niet van mag uitgaan dat het met de verzekeringen die hij overneemt ‘wel goed zit’, zonder enige controle te verrichten.
"De commissie stelt vast dat toen de verzekeringen bij de tussenpersoon in de portefeuille kwamen, er al sprake was van onderverzekering. Dit blijkt immers uit de brief van de verzekeraar van 7 mei 2009. De tussenpersoon heeft aangevoerd deze brief niet bij de overdracht van de portefeuille te hebben ontvangen. Dit ontslaat hem echter niet van de hierboven beschreven verplichting te controleren of de verzekeringen nog passend waren. Dit had de tussenpersoon binnen een redelijke termijn na overname van de verzekeringen moeten doen. Nu hij dit niet heeft gedaan, heeft hij zijn zorgplicht geschonden. In zoverre is de klacht van de consument gegrond.
Eventuele schade niet vast te stellen
De adviseur heeft gemotiveerd betwist dat de consument schade heeft geleden als gevolg van de omstandigheid dat hij de verzekeringen niet na de overname aan het eind van 2018 met de consument heeft doorgenomen. De commissie: "Uit de door de tussenpersoon overgelegde berekening blijkt dat de later afgesloten verzekeringen een hogere maandelijkse premieverplichting hebben. Daar staat echter tegenover dat de consument bij een later afgesloten verzekering ‘voordeel’ heeft genoten omdat hij (nog) geen premie heeft betaald. Verder geldt dat uit het dossier blijkt dat de consument op dit moment geen aanvullende verzekering heeft afgesloten, maar ervoor heeft gekozen een bedrag van ongeveer 30 euro per maand opzij te leggen. Ten slotte kan niet met zekerheid worden gezegd wanneer een beroep op een eventueel af te sluiten verzekering zou moeten worden gedaan. Gezien deze omstandigheden en de door de tussenpersoon overgelegde berekening, kan de commissie niet vaststellen of de consument schade lijdt of zal lijden. De commissie zal de vordering daarom afwijzen".
De consument vorderde ruim tien mille.
Reactie toevoegen
(Kifid-uitspraak GC 2026-0528) Het polisblad is duidelijk over welke diensten en leveringen verzekerd zijn en kan daarover niet tot enig misverstand leiden. Na...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0519) De consument heeft een ongeval gehad in een achtbaan van een attractiepark in Frankrijk en heeft daarbij lichamelijk letsel opgelopen....
(Kifid-uitspraak GC 2026-0489) . Omdat de consument 600 euro van de luchtvaartmaatschappij heeft teruggekregen bestaat er geen verder verlies dat door de gevolmachtigde...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0487) Voor een vergoeding van bereddingskosten is vereist dat sprake is van direct dreigende schade. De consument heeft een beroep...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0469) Een camper is geen camper als men er in woont en hem gebruikt als dagelijks vervoermiddel. Partijen discussiëren over de...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0466) De premieverhoging bij het bereiken van de 75-jarige leeftijd van de autoverzekerde was geen leeftijdsdiscriminatie. De verzekeraar...
Opdracht tot dienstverlening was op basis 'no cure no pay'
(Kifid-uitspraak GC 2026-0452) In 2025 heeft de consument zich voor advisering over en bemiddeling bij de verstrekking van een hypothecaire geldlening en voor aankoopbegeleiding...
Adviseur verzuimde te waarschuwen voor ontbreken dekking
(Kifid-uitspraak GC 2026-0453) De Geschillencommissie is van oordeel dat de adviseur in zijn zorgplicht is tekortgeschoten. Niet is gebleken dat hij de consumenten...
(Kifid-uitspraak GC 2026-0444) De consument heeft op vakantie in Albanië een auto gehuurd. Tijdens het rijden met de huurauto is een lek in een leiding...
Adviseur hoeft vergoeding niet terug te storten
(Kifid-uitspraak GC 2026-0430) De consument heeft haar administratie ondergebracht bij een boekhouder en aan de boekhouder kenbaar gemaakt een woning te willen...





