Kifid: consument grof nalatig, toch vergoeding

Cryptomunten

(Kifid-uitspraak GC 2023-0779, bindend) Een consument is slachtoffer geworden van afpersing waarbij derden de beschikking hebben gekregen over zijn bankpas, pincode en inlogcodes voor het online bankieren. De consument investeerde met name in crypto's. Zij hebben misbruik gemaakt van zijn bankrekening en zijn (spaar)gelden opgenomen. De consument heeft zich op het standpunt gesteld dat de bank zijn schade dient te vergoeden gelet op de op haar rustende zorgplicht dan wel op grond van artikel 7:528 BW. De bank heeft zich hiertegen verweerd.

Die schade is volgens de consument 11.747,99 euro. De consument zegt vanaf december 2021 tot en met februari 2022 te zijn afgeperst en bedreigd door een groep personen waaraan hij onder dwang zijn bankpas, pincode en inloggegevens tot twee maal toe heeft afgegeven. Deze personen hebben volgens hem misbruik gemaakt van zijn bankrekening, zijn spaartegoeden opgenomen en (online) aankopen gedaan. Er is volgens de consument sprake van niet-toegestane betalingstransacties op grond van de wet. De consument heeft zijn schade toegelicht en onderbouwd met stukken.

De consument betwist de stelling van de bank dat hij anders had moeten handelen en direct melding had moeten doen bij de politie en de bank van de diefstal en bedreiging. De consument vreesde voor zijn eigen veiligheid en de veiligheid van zijn naasten. De consument heeft te kampen met psychische- en persoonlijkheidsproblematiek. Dit is gediagnosticeerd. Kwaadwillende derden hebben misbruik gemaakt van zijn kwetsbaarheid. De consument heeft stappen ondernomen om te voorkomen dat hij in het vervolg in zulke situaties terechtkomt. Hij is verhuisd, heeft een nieuw telefoonnummer, is in behandeling bij specialisten en heeft beschermingsbewind aangevraagd.
Meer kan van hem niet worden verlangd. Hij voelt zich door de handelwijze van de bank in de steek gelaten en weggezet als crimineel.

Daarnaast stelt de consument zich op het standpunt dat de bank de op haar rustende zorgplicht heeft geschonden en op grond daarvan schadeplichtig is geworden. De bank had gelet op haar deskundigheid en functie in het maatschappelijk verkeer bewust kunnen en moeten zijn van de onregelmatigheden op zijn bankrekening vanaf
18 december 2021 en moeten ingrijpen. In ieder geval had de bank vanaf 22 januari 2022 wetenschap van de situatie waarin de consument zich bevond en had ze verdere transacties moeten tegenhoud

De commissie besluit de vordering gedeeltelijk toe te wijzen. Wel stelt de commissie het met Rabobank eens te zijn dat het handelen van de consument in juridische zin gekwalificeerd kan worden als grof nalatig handelen. Grove nalatigheid houdt in meer dan louter nalatig handelen en ziet op gedrag dat een aanzienlijke mate van
onvoorzichtigheid vertoont. Dit wordt door de commissie gedefinieerd als een aan opzet grenzende schuld. "De
consument heeft naar het oordeel van de commissie meerdere keuzemomenten gehad om melding te doen van de situatie maar heeft dit nagelaten. Daarbij is niet komen vast te staan dat de consument vanwege zijn psychische situatie zijn belangen (in het geheel) niet kon behartigen."

In beginsel komt de schade vanwege het grof nalatig handelen van de consument voor zijn rekening en risico, aldus de commissie. "De commissie beslist tot beperking van de aansprakelijkheid van de consument en overweegt als volgt. Voor de commissie staat vast dat de consument niet frauduleus of opzettelijk heeft gehandeld. De consument heeft de omstandigheden waaronder derden in het bezit zijn gekomen van zijn bankpas, pincode
en inlogcodes voor het online bankieren onderbouwd. Dit heeft hij gedaan met een afschrift van het proces-verbaal van de gedetailleerde politieaangifte en schermafbeeldingen van telefoonberichten die hij heeft ontvangen van de daders. De daders hebben in de periode van 18 december 2021 tot en met 24 februari 2022 misbruik gemaakt van zijn bankrekening en zijn gelden opgenomen. De consument heeft met verklaringen van zijn professionele zorgverleners aangetoond dat sprake is van een kwetsbare geestestoestand. "

De commissie beperkt de aansprakelijkheid van de consument tot de helft van de schade, zodat de helft voor rekening komt van de bank. Daarmee komt de vergoeding van de bank aan de consument uit op 5.874 euro. Omdat de consument gedeeltelijk in het gelijk is gesteld ziet de commissie grond voor toekenning van een proceskostenvergoeding. Zij stelt deze vergoeding vast op 50 procent van het hiervoor geldende liquidatietarief. De consument komt een proceskostenvergoeding van 200 euro toe.

Reactie toevoegen

 
Adviseur heeft geen resultaatsverplichting

Adviseur heeft geen resultaatsverplichting

(Kifid-uitspraak GC 2024-0240) De financieringsaanvraag van de consumenten is door de geldverstrekker afgewezen omdat het onderpand niet paste binnen de acceptatievoorwaarden....

Verzekeraar eiste terecht alle originele selutels

Verzekeraar eiste terecht alle originele selutels

(Kifid-uitspraak GC 2024-0242) De verzekeraar heeft dekking afgewezen voor de diefstal van de camperbus van de consument, omdat hij niet alle originele sleutels...

Adviseur wees onvoldoende op risico's overbruggingskrediet

Adviseur wees onvoldoende op risico's overbruggingskrediet

(Kifid-tussenuitspraak GC 2024-231A) De Geschillencommissie is van oordeel dat de adviseur de consumenten in de gegeven omstandigheden onvoldoende heeft gewezen...

Geen recht op contra-expertise schade tegenpartij

Geen recht op contra-expertise schade tegenpartij

(Kifid-uitspraak GC 2024-0206) De consument wil dat de verzekeraar een contra-expert inschakelt om de schade van de tegenpartij te beoordelen. De verzekeraar heeft...

Geschillencommissie spoelt argumenten verzekeraar door

Geschillencommissie spoelt argumenten verzekeraar door

(Kifid-uitspraak GC 2024-0205) Consument 1 heeft een tuinslang aangesloten op de mengkraan in de keuken. Met de tuinslang heeft hij het balkon schoongemaakt. Vervolgens...

In hoeverre is bewijs vereist van strafbaar gedrag?

In hoeverre is bewijs vereist van strafbaar gedrag?

Rabobank mag toch beroep instellen tegen uitspraak 2023-0920 van de Geschillencommissie Kifid. De voorzitter van de Commissie van Beroep: "De uitspraak van de Geschillencommissie...

Laatste woord over ‘duurzame drager’ in Mijn-omgeving nog niet gezegd

Laatste woord over ‘duurzame drager’ in Mijn-omgeving nog niet gezegd

Vanwege het principiële karakter mag Achmea toch beroep aantekenen tegen Kifid-uitspraak GC 2023-0988, waarin de Geschillencommissie oordeelt dat het verstrekken...

Consument moet kennis kunnen nemen van voorwaarden

Consument moet kennis kunnen nemen van voorwaarden

(Kifid-uitspraak GC 2024-0157) De Geschillencommissie is van oordeel dat de consument namens de VvE onvoldoende kennis heeft kunnen nemen van de verzekeringsvoorwaarden....

Struikelen over je eigen voeten is niet onrechtmatig

Struikelen over je eigen voeten is niet onrechtmatig

(Kifid-uitspraak GC 2024-0161) De Geschillencommissie overweegt dat een gedraging pas onrechtmatig is wanneer de mate van waarschijnlijkheid van schade zo groot...

Schending zorgplicht kost adviseur 20 mille

Schending zorgplicht kost adviseur 20 mille

(Kifid-uitspraak GC 2024-0152) De Geschillencommissie is van oordeel dat de adviseur bij het verzamelen van stukken voor de hypotheekaanvraag ten onrechte te veel...